Posts tonen met het label Research. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Research. Alle posts tonen

dinsdag 21 oktober 2008

Kleine updates ...

Na een lange periode van inactiviteit, hoog tijd om wat kleine updates te posten. Misschien niet echt een coherent geheel, maar iets is beter dan niets.

De septemberexamens liggen weer ver achter ons. Nu ja, septemberexamens ... tegenwoordig starten die examens reeds in de eerste helft van augustus en alles is afgerond de eerste week van september. Het plachtte te zijn dat de septemberexamens een week voor de start van het nieuwe academiejaar werden afgerond. Nu hebben we een beetje 'vrije periode' tussenin, maar bitter weinig tussen de juni- en september-zittijd in. Het maakt de vakantie-planningen alleen maar moelijker.

Gedurende september is er ook veel tijd gegaan naar de voorbereidingen voor Eurographics 2009. Niet alleen wordt er in onze onderzoeksgroep gewerkt aan papers voor deze conferentie, maar tevens ben ik ook co-chair van het Papers-program, samen met Marc Stamminger. Voor buitenstaanders zegt die misschien niet veel, maar dit soort functies zijn toch een soort van erkenning die je collega's in het domein je geven. De deadline voor papers was 30 september, op 1-2 oktober hebben we hier in Leuven de paper-sort gedaan, en nu is het werk bezig door tientallen programme committee members, en honderden tertiary reviewers. Zelf doe ik nu weinig reviewing werk, behalve hier en daar brandjes blussen. Op 20-21 november gaat in Munchen dan de IPC meeting zelf door. Wel leuk om eens helemaal bovenaan de piramide staan van de 2de belangrijkste conferentie ter wereld over computer graphics, maar het betekent ook dat je zelf niets meer naar boven kan afwentelen. Bovenaan heb je geen paraplu meer ...

Normaliter was het ook de bedoeling om dit semester een vak doceren aan de Université catholique de Louvain. Geen grote verrassingen echter: het betreft een computer graphics vak, in het Engels. Dat laatste maakt het allemaal wat makkelijker, want mijn academisch Frans kan een opfrisbeurt wel gebruiken. Echter, door allerlei papperasssen (verzekeringen e.d.) is het opzet verschoven naar het tweede semester.

Ondertussen zijn ook de projecten voor 'P&O 3de jaar' begonnen (een vak dat ik samen coordineer met collega's Erik Duval, Karl Meerbergen en Marc Van Barel), waarin studenten een LEGO-robot allerlei taakjes moeten laten uitvoeren. Het is een van de leukste vakken, omdat we de studenten redelijk wat vrijheid geven om zelf de opgave mee te sturen, en de aard van de oplossingen die eruit voorkomen heel gevarieerd is. Hopelijk valt het dit jaar dus ook weer mee. Vorig jaar hebben we voor het eerst de Lego Mindstorms robotjes gebruikt, en ook dit jaar hebben we er weer voor geopteerd. De eerste demonstraties zijn achter de rug. Stiekem had ik gehoopt dat er een niet-wiel-gebaseerde robot bij zou zitten, maar een walker- of crawler-robot maken lijkt toch iets te complex met de (beperkte) bouwkit die de studenten ter beschikking hebben. Maar het zou in principe dus wel kunnen ...

dinsdag 22 april 2008

SIGGRAPH 2008


Voor computer graphics afficionados is SIGGRAPH de jaarlijkse hoogmis. En ook nu weer zal er een Leuvense vertegenwoordiging zijn dankzij een aanvaard paper dat handelt over de simulatie poreuze stromingen. Voor een partieel overzicht van alle papers kan je hier terecht.

Ook zijn er dit jaar weer 2 K.U.Leuven studenten aanvaard in het Student Volunteer Program. Het is een ideale gelegenheid voor studenten om kennis te maken met wat er allemaal in de graphics-wereld te beleven is. Ik maak hier reeds enkele jaren reklame voor in mijn lessen, maar pas in 2006 heeft een student de sprong gewaagd. In 2007 waren het er reeds 2, en dit jaar waren er 3 kandidaten, waarvan er opnieuw 2 aanvaard werden. Enthousiasme werkt blijkbaar aanstekelijk.

dinsdag 29 januari 2008

Gauss is mijn voorvader

... maar niet in de biologische zin natuurlijk. Op het Mathematics Genealogy Project kan ja nagaan welke wiskundigen via hun doctoraatsthesis van welke ander wiskundigen 'afstammen'. Omdat computerwetenschappen dicht genoeg bij de wiskunde staat, zijn er significante verwantschappen.

En hier is dan mijn stamboom, met jaren van doctoraat:

Dutré (1996) -> Willems (1972) -> Lee (1966, *) -> Mason (1952) -> Guillemin (1926) -> Sommerfeld (1891) -> Lindemann (1873) -> Klein (1868, **) -> Plucker *1823) -> Gerling (1812) -> Gauss (1799) -> Pfaff (1786) -> Kastner (1739) -> Hausen (1713) -> Wichmannshausen (1685) -> Mencke (1666)

(*) Lee had 2 promotoren, dus hier de andere lijn:
Lee -> Halle

(**) Ook weer 2 promotoren voor Klein, de andere is Lipschitz:
Klein (1868) -> Lipschitz (1853 ***) -> Dirichlet (1827, ****) -> Poisson -> Lagrange -> Euler (1726) -> Bernouilli (1694) -> Bernouilli (1684) -> Leibniz (1666) -> Weigel

(***) Andere promotor van Lipschitz is Ohm:
Lipschitz (1853) -> Ohm (1811) -> von Langsdorf (1781)

(****) Andere promotor van Dirichlet is Fourier:
Dirichlet (1827, ****) -> Fourier -> en terug bij Lagrange

Toch wel verbazend dat vele bekende wiskundigen in je stamboom opduiken. Anderzijds moet iedereen wel teruggaan op enkele namen, dus misschien niet zo verbazend after all.

Iets gelijkaardig is het Erdös-getal, dat bepaalt hoe ver je afstaat via je publicatielijst van de wiskundige Paul Erdös. Mijn Erdös-getal is 3, via Leo Guibas, en dan via János Pach naar Erdös.

Allemaal spielerei natuurlijk, maar wel fun en goed voor het ego! :-) :-)

dinsdag 8 januari 2008

Stam

In het laatste issue van Wired Magazine (16/1) is een interview met Jos Stam opgenomen, over zijn werk op Nucleus, nieuwe fysisch-gebaseerd animatiesoftware van Autodesk. Altijd leuk om graphics researchers in niet-specifieke graphics media te zien verschijnen. Zelf loop ik Jos regelmatig tegen het lijf op graphics-conferenties of Program Committee meetings, en wisselen we altijd wel enkele woorden in het Nederlands. Bovendien is hij een van de mensen binnen de graphics-research community die qua mathematisch inzicht ver boven de anderen uitsteken. Niet voor niets heeft hij de SIGGRAPH Computer Graphics Achievement Award in 2005 ontvangen.

(foto Wired Magazine)

vrijdag 7 december 2007

We're back again... (en citaties once more)

Een blog op een goede manier onderhouden (lees: regelmatig interessante berichten posten), is toch iets tijdrovender dan gedacht. Bijna 4 maand zonder bericht, en geloof het of niet, maar ik word er door sommigen op aangesproken. Ik blijk dus toch een kleine fan-base te hebben. Maar genoeg met de egotripperij!

Om terug in de stemming te komen, iets over wetenschappelijke citaties. Eerder heb ik geblogd over hoe citaties gebruikt worden aan de K.U.Leuven (eerder bericht), en regelmatig wordt er aandacht aan besteed in verscheidene discussiefora. Kern van het probleem is dat beleidsmakers graag citaties tellen, wat dan als graadmeter kan beschouwd worden voor hoe goed je bent als wetenschappelijk onderzoeker. Onafhankelijk van het feit of citaties nu al dan niet een goede graadmeter zijn, stelt zich natuurlijk het probleem hoe te tellen: dubbels vermijden, alles tellen, wat precies tellen, e.d. Misschien onbelangrijk, maar er hangt veel van af. Geldstromen voor wetenschappelijk onderzoek zijn immers in niet onbelangrijke mate gebaseerd op dit soort tellingen.

Een tooltje dat er bij kan helpen is Publish or Perish, dat dan ook nog allerhande statistieken berekent. Een van die statistieken is de h-factor: je h-factor is x, als je x publicaties die minstens elk x maal geciteerd zijn.

Voor de nieuwsgierigen: op dit moment blijkt mijn h-factor 14 te zijn (na een ietwat snelle analyse via Publish or Perish, en hier zijn de bewuste 14 publicaties (met telkens aantal getelde citaties, auteurs, titel, en jaartal). Vermoedelijk ligt het aantal nog ietsje hoger, wegens sommige papers die als verschillende entries in de databases zitten...
  • 74,"P Dutré, P Bekaert, K Bala","Advanced Global Illumination",2003,
  • 64,"B Adams, P Dutré","Interactive boolean operations on surfel-bounded solids",2003
  • 39,"V Masselus, P Peers, P Dutré, YD Willems","Relighting with 4D incident light fields",2003
  • 38,"F Suykens, K Berge, A Lagae, P Dutré","Interactive Rendering with Bidirectional Texture Functions",2003
  • 37,"P Dutré, E Lafortune, YD Willems","Monte Carlo light tracing with direct computation of pixel intensities",1993
  • 34,"M Pauly, R Keiser, B Adams, P Dutré, M Gross, LJ …","Meshless animation of fracturing solids",2005
  • 33,"D Hart, P Dutré, DP Greenberg","Direct illumination with lazy visibility evaluation",1999
  • 27,"P Peers, P Dutré","Wavelet environment matting",2003
  • 22,"V Masselus, P Dutré, F Anrys","The free-form light stage",2002
  • 22,"P Dutré, YD Willems","Importance-driven Monte Carlo Light Tracing",1994
  • 21,"P Dutré, YD Willems","Potential-driven Monte Carlo Particle Tracing for Diffuse Environments with Adaptive Probability …",1996
  • 20,"P Dutré","Mathematical Frameworks and Monte Carlo Algorithms for Global Illumination in Computer Graphics",1996
  • 18,"R Keiser, B Adams, D Gasser, P Bazzi, P Dutré, M …","A Unified Lagrangian Approach to Solid-Fluid Animation",2005
  • 14,"B Adams, M Wicke, P Dutré, M Gross, M Pauly, M …","Interactive 3D painting on point-sampled objects",2004
  • 14,"A Lagae, P Dutré","A procedural object distribution function",2005
Qua aard splitst het zich op als: 1 boek, 1 Ph.D. thesis, 4 SIGGRAPH papers, 1 ACM TOG paper, 1 Computer Graphics Forum, 4 EGSR papers, 2 PBG papers, en 1 Compugraphics paper .

maandag 13 augustus 2007

SIGGRAPH 2007 Report

De jaarlijkse hoogmis van de computer graphics wereld -- SIGGRAPH -- is weer voorbij. Dit jaar in San Diego, het zuidelijkste puntje van California.

Om allerhande redenen was ik niet aanwezig op de voorbije 2 edities, maar de conferentie is nog steeds wat ze moet zijn: een volledige onderdompeling van een week in alles wat CG te bieden heeft: goede research-talks, een grote trade-show, ontmoeten van collega's die je al enige tijd niet meer gezien hebt, en elke avond wel een of andere leuke receptie of party waar je naartoe kan.

Mijn persoonlijke fun-highlights:

Als eerste kan ik uiteraard niet nalaten onze eigen paper-presentatie te vermelden. Zowel de fast-forward door Jurgen als de presentatie zelf door Peter verliepen zeer vlot en goed. We hebben ook redelijk wat positieve commentaar op ons paper gekregen.

Andere papers (full list met links) die op een of andere manier leuk opvielen:
  • Plushie, een systeem waarbij kinderen hun eigen plushen knuffel kunnen ontwerpen.
  • Scene Completion using Millions of Photographs gebruikt Flickr als database om gelijkaardige foto's te zoeken aan diegene die je aan het editen bent, en dan gewenste delen te vervangen door iets gelijkaardig. De kracht van mass databases aan het werk!
  • Eikonal Rendering is een goed solid paper, dat me nieuwe inzichten gaf in hoe lichttransport kan berekend worden. Coole prentjes!
Talk door Scott McCloud, auteur van Understanding Comics. Deze kerel kan talks geven! Ongelooflijk hoe vlot hij spreekt en het publiek echt kan meenemen in een meeslepend verhaal.

Elk jaar geeft Pixar een versie van zijn fameuze wandelende Utah teapot weg. Dit jaar had, ter ere van de nieuwe Pixar film Ratatouille, de teapot een koksmuts op. En ja, ik heb dus eventjes staan aanschuiven om ook een teapot te bemachtigen voor mijn prive-collectie.

De bilaterale filter wordt belangrijk in graphics. Fredo Durand heeft in de betreffende course alleszins het nut van de bilaterale filter grondig duidelijk gemaakt.

In de exhibition, op de stand van ActiVision, was er een setup voor Guitar Hero 2. Heb ik natuurlijk eventjes uitgeprobeerd, en heb er zelfs een andere conferentieganger verslagen op Who Was In My Room Last Night van de Butthole Surfers.

Parties en recepties genoeg op SIGGRAPH. De Chapters-party vond plaats in een nachtclub, inclusief zwoele danseressen die de horde geeks op de dansvloer moesten krijgen. Ik bleef uiteraard aan de diverse bars hangen, cocktails drinkend, terwijl de fijnere punten van de bilaterale filter besproken werden.

maandag 30 juli 2007

APGV 07

De afgelopen dagen heb ik doorgebracht op APGV 07 (voluit Applied Perception in Graphics & Visualization), in Tuebingen. Ik heb er een invited talk gegeven over ons opkomend SIGGRAPH paper, dus dat was weer een mooie gelegenheid om de voordracht nog eens te oefenen en te testen voor een groter publiek. Tevens ook interessante discussie gehad met onderzoekers die bezig zijn met perceptie, eerder dan computer graphics.

Keynote speaker was Greg Ward (foto), die een voordracht gaf over de uitdagingen van High-Dynamic Range Displays. Ik heb Greg de eerste maal ontmoet op een van de allereerste Eurographics Rendering Workshops in de vroegere jaren negentig, waar hij toen vrij bekend was omwille van zijn RADIANCE software, die door velen nog steeds gebruikt wordt om foto-realistische beelden te genereren. De laatste jaren werkt hij voornamelijk rond HDR imaging, en ontvangt dit jaar zelfs de SIGGRAPH Computer Graphics Achievement Award.

Anyway, het gebruik van perceptuele technieken in computer graphics heeft de laatste jaren een hoge vlucht genomen. Aanvankelijk werd er voornamelijk gefocuset op psychofysische perceptie. Het menselijk oog (het instrument waarmee we naar beelden kijken), is gelimiteerd, en dus kunnen we die limitaties inbouwen in de beeldgeneratie-algoritmen. Hoever moeten we gaan in het accuraat berekenen van texturen of belichting als we die toch niet kunnen waarnemen?

Ik meen dat de tijd echter gekomen is om de focus te verschuiven naar het cognitieve aspect van perceptie. Is een schaduw of een highlight in een scene noodzakelijk om de scene als realistisch te ervaren of juist te interpreteren? Indien niet, dan hoeven we die volledige schaduw misschien niet te berekenen, en kunnen we sneller beelden maken die op een cognitief-perceptueel niveau niet te onderscheiden zijn van de radiometrisch correcte beelden. Tot zover de gedachtensprongen, dat allemaal omzetten in werkende algoritmen is uiteraard een ander paar mouwen. Maar dat is research natuurlijk :-)

dinsdag 17 juli 2007

Flanders Mini-Symposium on Computer Graphics

Donderdag 12 juli vond het derde Flanders Mini-Symposium on Computer Graphics plaats in het Expertise Centrum Digitale Media aan de Universiteit van Hasselt. Dit symposium, dat tot nu toe afwisseld georganiseerd werd in Hasselt en Leuven, is een initiatief van de beide onderzoeksgroepen computer graphics in de respectievelijke universiteiten.

Aanvankelijk was onze bedoeling om de onderzoekers van zowel Leuven als Hasselt samen te brengen, en voordrachten te verzorgen over de eigen research. Sinds de 2de editie nodigen we ook telkens mensen uit de industrie en andere onderzoeksgroepen uit. De bedoeling op langere termijn is om tot een jaarlijks event te komen waar mensen die bezig zijn met computer graphics in Vlaanderen elkaar kunnen treffen, en waar er bruggen kunnen gelegd worden tussen bedrijfs- en academische wereld. De aanwezigen uit de industrie waren alleszins vol lof over dit initiatief.

Dit jaar hadden we voor het eerst ook een gastspreker, Marcus Magnor van de T.U.Braunschweig, die een zeer interessante voordracht gaf over Visual Computing (foto).

Indien je volgend jaar ook een uitnodiging wil krijgen om aan de 4de editie deel te nemen (die normaliter aan het Departement Computerwetenschappen van de K.U.Leuven zal plaatsvinden), let me know.

woensdag 11 juli 2007

SIGGRAPH 2007 Preview Videos

SIGGRAPH 2007 nadert met rasse schreden. Deze hoogmis van de Computer Graphics community belooft weer een geweldig event te worden. Hier alvast de preview -video's van de verschillende programma-onderdelen:

http://www.siggraph.org/s2007/media/preview/

En hier een paar leuke activiteiten die de vorige jaren op SIGGRAPH te beleven waren ... Etch-A-Sketch zelf jammer genoeg niet meegemaakt, maar SquidBall wel.



maandag 18 juni 2007

Waarom Computer Graphics?

Soms wordt me wel eens gevraagd hoe ik geinteresseerd ben geraakt in computer graphics. In de jaren 80 toen ik student was, was het immers niet evident om met (3D) grafische technieken en algoritmen in contact te komen. Maar voor de nieuwsgierigen, hier mijn inspiratiebronnen die me aangezet hebben om de graphics-wereld te verkennen.

Cosmos

Cosmos is de legendarische documentaire-reeks die begin jaren 80 werd uitgezonden, en die gepresenteerd werd door prof. Carl Sagan (die trouwens prof was aan Cornell University). Ik denk dat vele jongeren die toen de serie gezien hebben (waaronder ikzelf), sterk geïnspireerd zijn geweest door Cosmos om een wetenschappelijke carriere te beginnen. Een van de aspecten aan Cosmos die me voornamelijk intrigeerde was het gebruik van grafische technieken, tot dan toe praktisch ongezien op televisie. Zo is er de evolutie-sequentie, die de evolutie van eencellige tot mens laat zijn d.m..v. naar hedendaagse normen primitieve key-frame animatie. Maar op mij maakte dat een geweldige indruk.



Knight Lore

Een andere invloed waren de computerspelletjes op hobby-computers zoals de ZX-Spectrum of Commodore-64. Alhoewel graphics toen natuurlijk al lang bestond als discipline (ray tracing dateert van 1981 ...), waren 3D graphics op dergelijke hobbymachines toch nog steeds iets speciaal. Vooral het spelletje Knight Lore, met een isometrisch 3D perspectief, sprak tot de verbeelding.



Newman & Sproull

Het boek dat me definitief op het pad van 3D graphics zette, was Principles of Interactive Computer Graphics, de 'bijbel' voor 3D graphics voor het boek van Foley & Van Dam. Vooral de zwart-wit prenten van volledig ingekleurde 3D objecten zoals de teapot of de VW beetle, of zoals hieronder de vrouw van Gouraud himself, spraken sterk tot de verbeelding.


dinsdag 12 juni 2007

Citaties

De beslissingen voor benoemingen voor het ZAP zijn voor dit jaar genomen, en vermoedelijk zijn de meeste collega's reeds voor een bespreking bij hun respectievelijke decanen langsgeweest. Een van de aspecten waar naar gekeken wordt in de beoordeling van dossiers is de wetenschappelijke output. Dat meet zich natuurlijk in aantallen papers in journals, conferenties e.d., maar evengoed in citaties (anderen die naar jouw papers refereren). Dit klinkt allemaal zeer aannemelijk, maar er zitten toch enkele adders onder het gras, die het niet makkelijk maken om verschillende dossiers met elkaar te vergelijken. Ik wil hier niet ingaan op het beslissingsproces zelf (het is niet gemakkelijk om appels met peren en met citroenen te vergelijken), maar wel op de manier waarop men nagaat hoeveel citaties behaald zijn.

Zo werd gevraagd aan kandidaten om citaties van hun eigen papers te geven die gerapporteerd worden via Citeseer. Citeseer is, ten minste voor computerwetenschappen, al enkele jaren niet meer ge-updeet. Mijn meest recente publicatie die door Citeseer gerapporteerd wordt dateert van 2003. Niet erg relevant voor een snel evoluerend domein als computerwetenschappen. Ik hoop dan ook dat de beoordelingscommissie de Citeseer resultaten met een grote korrel zout nemen.

Heel wat betrouwbaarder (en waar trouwens ook naar gevraagd werd), en zeker voor computer graphics waar ongeveer alle papers online beschikbaar zijn, is Google Scholar. Een goede tool om te zoeken a.d.h.v. data in Google Scholar is Publish or Perish. Niet enkel worden de aantallen citaties weergegeven, maar ook allerlei indicatoren zoals de h-factor of g-factor van een wetenschapper. Een h-factor die gelijk is aan x, betekent dat je x papers gepubliceerd hebt die elk tenminste x citaties halen. De achterliggende redenering is dat veel papers publiceren goed is, maar die moeten ook gerefereerd worden. Een boel papers die elk slechts eenmaal gerefereerd worden stellen weinig voor.

Het is vrij leuk om eens te spelen met de Publish or Perish tool en na te gaan hoeveel citaties collega's effectief halen. Perceptie en realiteit liggen soms ver van elkaar verwijderd ...

SIGGRAPH 2007

Binnenkort komen de grote graphics conferenties er weer aan. Voor computer graphics is het top-event ongetwijfeld SIGGRAPH. OP deze jaarlijkse conferentie komen vele aspecten die met graphics te maken hebben aan bod, maar de parel in de kroon is toch nog steeds het Papers Program. Hier worden de beste wetenschappelijke onderzoeksresultaten van het afgelopen jaar voorgesteld.

Dit jaar is er van onze groep 1 paper aanvaard: The Influence of Shape on the Perception of Material Reflectance. We stellen enkele resultaten voor waarbij we nagegaan hebben hoe de vorm van een object onze indruk van het materiaal waaruit dit object bestaat beinvloedt. Dit paper heeft reeds heel wat reactie losgeweekt in de academische wereld. Op een eerste voorstelling in april in Dagstuhl werd het vrij positief onthaald, en we mogen het zelfs als invited speaker voorstellen op het Symposium on Applied Perception in Graphics and Visualization, in Tuebingen deze zomer. Tegelijkertijd wordt er op SIGGRAPH ook een paper gepresenteerd door de graphics groep in Cornell (waar ik zelf een aantal jaren gewerkt heb) dat een gelijkaardige aanpak volgt: Visual Equivalence: Towards a New Standard for Image Fidelity. De moeite waard om beide papers eens uit te checken.

Wat ook leuk is, is dat ex-doctorandi van de groep in hun jobs als post-docs ook dit jaar papers hebben op SIGGRAPH. Pieter Peers (University Southern California) met Post-production Facial Performance Relighting using Reflectance Transfer; en Bart Adams (Stanford) met Adaptively Sampled Particle Fluids.

Leuven Graphics Rulez!

maandag 22 januari 2007

Zijn professoren lui?

Deze week was er op SlashDot een discussie over het kraken van het SHA-1 data-encryptie schema. In de marge ervan ontspon er zich een discussie over het feit of dat professoren als academische researcher nu al dan niet lui zijn (dit soort off-topic discussies is typisch voor SlashDot natuurlijk). Maar de volgende comments vond ik wel grappig ... en nu hoor je het ook eens van een ander :-)

(Comments copyright original authors)

http://it.slashdot.org/comments.pl?sid=217942&cid=17697140

There is no other way to protect unpopular views. The whole purpose of tenure is to allow scientists with new or minority ideas that are outside of the scientific/political/economic orthodoxy to continue to do research in spite of the fact that their work can't get wide publication. We make them prove that they are competent by meeting the extremely high standards of the tenure review process - getting tenure is no cake walk - then we give them the freedom to follow research avenues without regard to how popular that area of research is, and without fear that unconventional avenues or conclusions will cost them their job.

Part of the price we pay for this is that some people will be lazy. Academia as a whole feels that this is worth the risk because:
1. The tenure review process will screen out the overwhelming majority of the lazy people - you simply can't get tenure if you're lazy - it's too damn hard.
2. Carrying a few lazy professors is more than worth the benefit of having a faculty that is unafraid to voice the truth as they see it without fear of reprisal from administration, established researchers in their field, powerful alumni, government, etc.
3. Knowing what work will lead to something "useful" is tantamount to being able to predict the future. The idea that one can tell in advance where important breakthroughs will come from or where they will lead is a bean counter's fantasy. Therefore we have to trust that extremely competent scientists when allowed to follow their own chosen research paths without coercion will come up with important results. It's worked for us so far.

http://it.slashdot.org/comments.pl?sid=217942&cid=17699538

The argument I hear implicit in your words, that professors should be compensated for their research activities, is one I support. However, as I mentioned below, this is often not feasible because the "worth" of one's research is not always immediately apparent. Additionally, you are referring to tenured academics as lazy, which I simply cannot countenance. You glorify something that you do not understand. Therefore, though I am only a Ph. D. student at the moment, I wish to share my view (doubtless with its misconceptions) of the career as an aspiring academic:

Becoming a professor is not a career decision to be taken lightly and it is not for the lazy; it truly is something that must be born of a devotion to the pursuit of knowledge to the exclusion of almost everything else. The training process required to get a Ph. D. is lengthy, difficult, and generally unrewarding. True, we are generally funded while graduate students, but the funding is paltry, requires a TA or RA position at the institution unless you are fortunate enough to obtain a fellowship, and carries an expectation to devote every moment of our time to our studies and research. Even fellowships contain clauses prohibiting us from working without permission of the dean. Following a successful defense, most professors must undergo a more difficult and only slightly more rewarding postdoctoral position. These do not necessarily lead to tenure-track positions; approximately 10% will be offered assistant professorships, which carry an average salary of $44,939. In other words, after I complete my Ph. D. and a postdoc, I can look forward to starting at about $10,000 less per year than I would with most jobs I could attain right now with only a bachelor's degree in CS if I happen to be in this fortunate 10%. This is despite all of the work I have published without demanding anything in return (indeed, such work is expected). If I please my superiors and bring lots of grant money in for my institution (which involves writing a lot of proposals I'd rather not be bothered with, as they interfere with my research and other duties), I may eventually be granted tenure and perhaps rise in academic rank.

We are not compensated for publishing our research, so unless we choose to patent our innovations, our salary is our sole source of income.

A lazy person would not get this far. Anyone capable of enduring that much to reach this point is dedicated enough to the pursuit of knowledge to continue of his own accord because it is truly what he wishes to do.

zondag 21 januari 2007

SIGGRAPH ... laatste dagen



Iedereen die in het resaerch-wereldje van computer graphics zit is vertrouwd met de SIGGRAPH-deadline in januari (zie ook eerdere post), die steeds zeer veel stress met zich meebrengt. Ook met de Leuvense graphics-groep zijn we uiteraard hard bezig om onze papers tegen de deadline op tijd klaar te krijgen.

Speciaal voor mijn doctoraatsstudenten zeer herkenbaar sfeerbeeld (hierboven). BTW, voor wie onze SIGGRAPH publicatie van vorig jaar wil zien, kan nog steeds hier terecht.

(cartoon copyright Ph.D. Comics)

dinsdag 19 december 2006

Cars

Gisteren heb ik voor de eerste keer Cars gezien, de laatste animatiefilm van Pixar. Niet in de bioscoop, maarl wel op DVD thuis. Alle vorige Pixar films had ik al de eerste dag gezien toen ze uitkwamen, maar om een of andere reden was dat bij Cars dus niet het geval.

Waarom is dit relevant? Omdat de technologie waarmee animatiefilms zoals Cars gemaakt worden natuurlijk volledig steunt op computer graphics, het onderzoeksdomein waar ik zelf in actief ben, en ik een aantal van de researchers en software-developers bij Pixar persoonlijk ken (het doet nog steeds vreemd aan om namen van collega's te zien verschijnen in de aftiteling). In mijn vak 'Advanced Computer Graphics' tracht ik ook elk jaar een les te besteden aan de rendering-technologie van Pixar. Het afgelopen semester betekende dit dus dat een deel van de les gewijd was aan de algoritmen over hoe reflecties berekend worden in Cars. Immers, vermits de autootjes sterk spiegelend zijn, moeten ook de reflecties van de stadiumlampen, van henzelf, en van elkaar, perfect weerspiegelt worden in de carosserie van elk karakter. Speciale ray-tracing technieken werden hiervoor ontwikkeld, die in de les aan bod kwamen. En steeds zijn de mensen van Pixar zo vriendelijk om mij hun slides te laten gebruiken die ze voordien ook al op conferenties gebruikt hebben, waarvoor mijn dank.

Voor wie zelf het wetenschappelijk paper wil lezen, bezoek deze page van Per Christensen:
http://www.seanet.com/~myandper/abstract/rt06.htm

P.S. Voor de studenten die dit lezen: Het is wel degelijk leerstof voor het examen :-)

(Prentje van bovenstaande site en Copyright Disney/Pixar 2006)

zaterdag 16 december 2006

Xmas lecture

Op zaterdag 16 december organiseerde de Faculteit Wetenschappen haar jaarlijkse Christmas Lecture. Dit jaar was de spreker professor Alan Rowan, chemicus verbonden aan de universiteit van Nijmegen, en actief in het interdisciplinaire gebied van de biochemie en de organische chemie.

Rowan bestudeert onder meer individuele enzymen. Zo slaagde hij erin – samen met een onderzoeksgroep van de K.U.Leuven overigens – de werking van één enkel enzym zes uur lang te volgen: een vetoplosser in een wasmiddel. De informatie die daaruit voortkomt, leert ons veel over de structuur en de werking van enzymen, en toont aan dat ze niet altijd even werkzaam zijn. De vraag is dan ook of enzymen zodanig gewijzigd kunnen worden, dat ze permanent tot hogere prestaties in staat zijn. Hij is vooral ook gespecialiseerd in nanotechnologie. In 2003 ontwikkelde hij samen met zijn collega’s in Nijmegen een nanomachine, een kraalvormige molecule die chemische reacties tot stand kan brengen op polymeren die door de molecule heen lopen. Een van de toepassingen waarvoor nanomachines gebruikt kunnen worden is het aanbrengen van patronen en schakelingen op nanoschaal, om bijvoorbeeld computerchips te maken op moleculaire schaal.

Gedurende de lecture liet hij ook enkele spectaculaire filmpjes zien van de werking van een enkele molecule, alhoewel het publiek niet altijd het verschil merkte (denk ik) tussen feitelijke opnames met een elektronenmicroscoop en computeranimaties ;-)

Op het einde van de zeer goed gegeven lecture volgde er nog een uitspraak van Plutarchus over Archimedes, die de essentie van een goed wetenschapper treffend verwoord:

... being perpetually charmed by his familiar siren, that is, by his geometry, he neglected to eat and drink and took no care of his person; that he was often carried by force to the baths, and when there he would trace geometrical figures in the ashes of the fire, and with his finger draws lines upon his body when it was anointed with oil, being in a state of great ecstasy and divinely possessed by his science.


maandag 27 november 2006

2 voordrachten

Twee voordrachten gevolgd vandaag:

De eerste om 19.00 uur in de grote aula, in het kader van de Microsoft Research Chair on Intelligent Environments. Spreker was Donald A. Norman van Northwestern University en de Nielsen Norman Group, met een seminarie over Cautious Cars & Cantankerous Kitchens. Zijn pleidooi ging voornamelijk over hoe allerlei apparaten intelligenter gemaakt kunnen worden door op een gepaste manier met mensen te communiceren. Dit werd geillustreerd met allerhande voorbeelden zoals autorijden in de file, intelligente keukens e.d. De hele voordracht deed me een beetje denken aan eentje die ik een aantal jaren geleden gehoord heb van Neil Gershenfeld toen ik nog aan Cornell University aan onderzoek deed. Beiden hebben trouwens ook gelijkaardige boeken over het topic geschreven. In elk geval interessante stof om over na te denken.

Rond 20.15 dan snel naar het Stuk cafe gegaan om daar het eerste Leuvense Science Cafe mee te maken. Verschillende collega's uit de faculteit wetenschappen gaven hun visie op wat toeval betekent in de wetenschap. Jammer genoeg kon ik niet blijven voor het debat en de vragen nadien, maar toch net lang genoeg om mezelf te zien verschijnen in het filmpje dat de organisatoren gemaakt hadden op basis van interviews in de Moete (zie redelijk onscherpe GSM foto ;-) ).

vrijdag 24 november 2006

Centrale Bibliotheek

Vanmorgen met twee doctoraatsstudenten zijn we de centrale bib op het Ladeuzeplein even gaan opzoeken. Ik moet bekennen dat de keren dat ik de centrale bib ben binnengestapt op 1 hand te tellen zijn, en ik kom er dan enkel als er een interessante tentoonstelling is of als we er effectief iets nodig hebben.

Dankzij de bereidwillige medwerking van enkele medewerkers van de bib hebben we vandaag een aantal foto's genomen in de Oost-Aziatische bibliotheek. Onze bedoeling is om een realistische scene te fotograferen, waar dan een aantal virtuele objecten aan zullen toegevoegd worden m.b.v. de differentiele rendering techniek ontwikkeld in de Graphics Group van het Institute for Creative Technologies van de University of Southern California (waar trouwens een ex-doctoraatsstudent van mijn groep nu zijn post-doc doet). Wat we er precies mee aanvangen blijft nog onderzoeksgeheim, maar als het geplande paper aanvaard is, zal ik een tipje van de sluier oplichten.

Wat me wel steeds treft is dat de centrale bib een prachtig gebouw is: statige traphallen, een fantastische leeszaal, het doet me steeds denken aan de Ivy League stijl van de befaamde Amerikaanse Universiteiten. Zeker een van de toeristische troeven van de universiteit.

(foto van de fotodatabank http://www.kuleuven.ac.be/fotodatabank/)

European Institute for Technology, bis

Op 23 november verscheen in De Morgen een stukje waarin Europees commisaris Jan Figel de oprichting van het EIT bepleit.

(uit De Morgen van 23 november 2006, © 2006 Uitgeverij De Morgen NV):

Bedrijfsinvesteringen cruciaal voor European Institute of Technology
Kim Herbots

EU-commissaris voor Onderwijs Jan Figel: Braindrain is een acuut probleem in Europa. We verliezen niet alleen onderzoekers aan de VS, maar ook aan het Oosten. Het antwoord van de Europese Commissie daarop is het European Institute of Technology.

Een omstreden beslissing, zo weet ook EU-commissaris voor Onderwijs Jan Figel. Door Kim Herbots Zodra de kogel enkele weken geleden door de kerk was, reageerden de Vlaamse universiteiten verontrust: hoewel ze niet anders zullen kunnen dan meedoen, zijn ze allesbehalve vragende partij voor het EIT. In een interview met De Morgen weerlegt Figel nu de kritiek.
Figel, die in Brussel was ter gelegenheid van een congres over innovatie van de Vlaamse Raad voor Wetenschapsbeleid, verdedigt het nut van het EIT. "We hebben er lang genoeg over gediscussieerd of het er al dan niet moest komen. De beslissing is nu genomen en we gaan ervoor. Ik ben ervan overtuigd dat het EIT de braindrain een halt zal toeroepen. Het is niet zo dat we een hek rond Europa gaan bouwen, maar het moet mogelijk zijn om de beste brains hier te houden."

Een van de belangrijkste bezorgdheden omtrent het EIT is dat universiteiten vrezen hun topwetenschappers eraan te verliezen.

Jan Figel: "We moeten de besten uitdagen om meer te doen. De grootste talenten kunnen beide combineren. Daar ben ik van overtuigd. Ze zijn in staat om zich te verbinden aan zowel het EIT als hun eigen instelling. Het EIT zal overigens deels een virtueel instituut zijn. Er komt een administratieve zetel, maar de kern zal bestaan uit verschillende Knowledge and Innovation Communities, groepen waarbinnen de knapste knoppen van de universiteiten vanuit hun instelling op speerdomeinen werk zullen verrichten. We kiezen net voor die aanpak om de bestaande instellingen niet te amputeren."

Is zo'n virtueel instituut wel genoeg om de concurrentie aan te gaan met het wereldvermaarde Massachusetts Institute of Technology (MIT)?

"Maar het EIT mag niet vergeleken worden met het MIT! Europa is Amerika niet. Wij zijn niet een entiteit. Het was een denkpiste om daadwerkelijk een instituut te bouwen, maar die hebben we verlaten. Een instelling zoals het MIT zou hier niet werken. Het is in Europa ondenkbaar dat je alle topwetenschappers over een domein op een plaats zou kunnen samenbrengen. Er zijn al belangrijke kenniscentra zoals Oxford, Cambridge en Leuven."

Velen zeggen dat er niet genoeg fondsen zullen zijn om te concurreren met de VS.
"Naast overheidsgeld rekenen we ook op particuliere fondsen. Ik kan niet in hun plaats spreken, maar in september al had ik contacten met bedrijven zoals Nokia en Siemens die erg geïnteresseerd zijn om te investeren. De inbreng van bedrijven is ook erg belangrijk. Zij willen winst zien en zullen zo voor een belangrijke dynamiek zorgen waardoor de kennis naar de markt gebracht zal worden."

Het EIT en de aanpak van de braindrain vereist een grote internationale mobiliteit. Op het laagste niveau, het Erasmusprogramma, stagneert dat al een hele tijd in Vlaanderen.
"Mobilisatie is cruciaal. Aan de Luxemburgse universiteit is internationale ervaring verplicht. Ik kan dat niet opleggen, maar we moedigen lidstaten wel aan om dit soort zaken te promoten en om de voorwaarden zo studentvriendelijk te maken."

Bedrijven willen winst zien en zorgen voor dynamiek in 'knappekoppeninstituut'

Ik heb daarom mijn entry over het EIT van 18 oktober 2006 nog maar eens herlezen, en er is weinig nieuws wat mijn mening doet omslaan. Het EIT zal dus iets worden waar iedereen wil bij zijn, maar wat weinig zoden aan de dijk zal brengen.

maandag 30 oktober 2006

Boeken die je als (computer) researcher zou moeten lezen ...

Volgende boeken staan alleszins in mijn top lijstje van wat een beginnend researcher zou moeten lezen om de spirit van onderzoek te pakken te krijgen. In geen specifieke volgorde:
  1. The Double Helix - -James. D. Watson
    Het verhaal over hoe de structuur van DNA werd ontdekt door Watson, Crick en Franklin. Het is een zeer goed geschreven boek, en leest bijna als een detective-roman. Het boek onderwaardeert wel de rol die Rosalind Franklin gespeeld heeft, maar dat doet niets af van het vlotte verhaal.

  2. The Idea Factory -- Pepper White
    Het persoonlijk relaas van een student op de ingenieursschool bij uitstek, MIT. Het begint in Belgie, waarin de verteller op het von Karman insttituut werkte, en het hele boek schets op een goede manier hoe je als ingenieur en wetenschapper leert denken. Ik heb mijn copie trouwens zelf in de MIT bookshop gekocht in april 2005 toen ik daar vertoefde voor de Program Commitee Meeting voor SIGGRAPH 2005.

  3. Surely you're joking Mr. Feynman -- Richard Feynman
    Dit boekje illustreert perfect de spirit waarin wetenschappelijk onderzoek zou moeten gebeuren. Written by the master prankster en nobelprijswinnaar himself. Bovendien nog gevolgd door het eveneneens goede What do you care what other people think?

  4. A Ph.D. Is Not Enough -- Peter Feibelman
    Een boekje waarin wordt uitgelegd hoe je je eigen Ph.D. kan sturen en er het maximale uithalen. Denk niet dat je carriere binnen is eens je Ph.D. klaar is!

  5. The Soul of a New Machine -- Tracy Kidder
    Het ontwerp van de PDP-11 computer gepresenteerd als spannend verhaal. Vooral de proloog is prachtig: een party zit midden in de storm op de zeilboot. Iedereen in paniek, maar 1 man, Tom West, bewaart zijn kalmte en houdt de boot onder controle.
    The people who shared the journey remembered West. The following winter, describing the nasty northeaster over dinner, the captain remarked, "That fellow West is a good man in a storm.". The psychologist did not see West again, but remained curious about him. "He didn't sleep for four nights! Four whole nights." And if that trip has been his idea of a vacation, where, the psychologist wanted to know, did he work?
    Bleek nadien dat Tom West de ingenieur was die het team leidde dat de legendarische PDP-11 gedesigned heeft.

  6. Hackers -- Steven Levy
    Geschiedenis van de eerste dagen van personal computing, en de hacker-cultus die eruit gegroeid is. Je snuift praktisch de sfeer die op het AI-lab van MIT hangt als je het eerste derde van het boek leest. Mijn promotor Yves Willems vertelde me later dat hij een aantal personages uit het boek nog persoonlijk gekend heeft toen hij als doctoraatsstudent op MIT zat. Het laatste deel gaat over de opkomst de personal computer met o.a. Bill Gates en Steve Jobs.

  7. Godel, Escher, Bach -- Douglas Hofstadter
    Een must-read voor alle computerwetenschappers. Zelf gelezen toen in 18 of 19 was, en een echte verrijking over hoe je kan denken over het verband tussen wiskunde en informatica.

  8. Cosmos -- Carl Sagan
    Nu natuurlijk outdated, maar in 1981 was dit de tv-serie waardoor ik besloot exacte wetenschappen te studeren en onderzoeker te worden. Eerder een nostalgie-trip dus.