Posts tonen met het label Examens. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Examens. Alle posts tonen

dinsdag 7 februari 2023

Examens en feedback

 

De examenperiode is weer afgelopen, eerstdaags vernemen studenten hun quoteringen, en dan begint onvermijdelijk de "feedback"-periode.

Feedback geven op examens is ondertussen ingeburgerd geraakt. De tijd dat je enkel een cijfer kreeg, maar amper te weten kon komen waarom je een minder dan verwacht (of hoger dan verwacht :-)) cijfer had, ligt reeds lang achter ons.

Het Onderwijs- en Examenreglement van de KU Leuven zegt het volgende:

De studenten krijgen tijdens de eerste zeven kalenderdagen na de dag van bekendmaking van de resultaten de mogelijkheid tot feedback. De feedback omvat een individuele en/of een collectieve nabespreking van het examen en een inzage van hun schriftelijke examen. Ten laatste op het feedbackmoment krijgen studenten ook inzage in de resultaten van permanente en partiële evaluatie (cfr. art. 40). Een individuele nabespreking betreft een gesprek tussen examinator en student over een individueel afgelegd examen.

De feedbackregeling wordt ten minste een week voor het einde van de examenperiode aan de studenten bekendgemaakt.

Studenten kunnen zich bij de nabespreking laten vergezellen door een persoon naar keuze, die als waarnemer optreedt. Indien de waarnemer een student is die in datzelfde academiejaar ingeschreven was voor het opleidingsonderdeel, moet de waarnemer voor het opleidingsonderdeel geslaagd zijn.

Studenten kunnen problemen met en klachten over de feedbackregeling melden bij de examenombuds, die zal bemiddelen om een passende oplossing te zoeken.

Doorheen de jaren ben ik zelf geconvergeerd naar een werkwijze die de tijd voor mezelf binnen de perken houdt, maar die tevens maximaal inzet op het leerproces voor de studenten. In een wat verder verleden organiseerde ik individuele feedback. Als je een kwartier per student rekent, dan loopt dat aardig op voor een studentengroep die enkele honderden studenten telt. Daarom ben ik meer en meer overgeschakeld op collectieve feedback, en voornamelijk online zodat ik zelf de tijdsbesteding beter in de hand heb, maar ook dat studenten geen tig afspraken moeten maken bij diverse professoren.

Mijn werkwijze is als volgt:

  1. Na het quoteren van alle examens plaats ik een feedback document over het examen op het leerplatform (bij KU Leuven is dat TOLEDO). Per vraag geef ik weer wat goede elementen in een antwoord waren, wat veel gemaakte fouten zijn, e.d. De ervaring leert dat dit voor vele studenten volstaat. Men is immers voornamelijk geïnteresseerd in het antwoord op de vragen, niet zozeer in een individuele bespreking daarvan. Die feedbackdocumenten blijven gewoon staan voor de volgende jaren ook (ik plaats alle examens van vorige jaren steeds beschikbaar).
  2. Ik kondig eveneens aan dat men steeds een mailtje mag sturen voor verdere individuele toelichting. Ik antwoord per email, met per vraag een meer individuele bespreking op basis van het individuele examen. Tevens licht ik toe waar de studenten voornamelijk punten "verloren" of "gewonnen" heeft, zonder in detail op de verbetersleutel per puntje in te gaan. Dit laatste doe ik nooit, de exacte kwantitatieve verbetersleutel is voor mijn eigen gebruik, de kwalitatieve verbetersleutel mogen studenten uiteraad wel weten.
  3. Tevens zeg ik aan dat studenten dat "indien men nog steeds een discrepantie ziet tussen de eigen geleverde studie-inspanningen, en het behaalde resultaat", een individuele afpraak voor verdere toelichting steeds mogelijk is. Per semester zie ik zo een handvol studenten. Dit zijn vaak studenten met onderliggende vragen inzake studietraject, studiemethode, studiekeuze ... of eventueel een speciale situatie, waar het dan wel aangewezen is dat je er meer tijd kan aan besteden. Vaak gaat dit dan niet over het specifieke vak zelf, maar wel over de studie in de breedte. Het loont de moeite om voor dergelijke studenten dan wat meer tijd uit te trekken, dan aan studenten die louter interesse hebben in de antwoorden an sich.

Die werkwijze loopt al sinds enige jaren goed, en ik heb de indruk dat studenten dergelijke manier van werken ook wel weten te appreciëren.

Toch een voorlaatste puntje: vaak hanteert men bij het geven van feedback de frase "het inkijken van het examen". Persoonlijk vind ik dat misleidend, omdat de schriftelijke examens enkel maar een neerslag zijn van wat de student heeft opgeschreven. Ik verbeter immers geen examens, ik quoteer ze wel. Er is een verschil ;-) Dus het inkijken van een examenkopie (waar enkel de antwoorden van de student op te elzen zijn) is waardeloos als er geen goed feedbackproces aan gekoppeld is, en eigenlijk is dat feedbackproces de voornaamste component. De "inkijk van het examen" is een ongelukkige beschrijving van het feedbackproces.    

En een allerlaatste puntje: feedback op examens moet wat mij betreft ook los gezien worden van eventuele beroepsprocedures die studenten aanspannen. Een beroepsprocedure kan steeds opgestart worden door een student als men zich miskend voelt in zijn rechten. Die procedure bestaat, en wordt inderdaad vaak opgestart als een student meent dat er een flagrante schendig geweest is en men daardoor minder punten kreeg dan waar men recht op heeft. Maar met de specifieke inhoud van het examen heeft dat meestal weinig te maken.

donderdag 30 juni 2022

Feedback in plaats van quotering (6)

Eerder schreef ik reeds uitvoerig over het vervangen van summatieve door formatieve feedback voor het vak "Gegevensstructuren & Algoritmen", dat ik doceer o.a. in 1ste bachelor informatica aan de KU Leuven (zie eerdere blogposts in deze reeks). Voor de volledigheid: bewuste vak wordt ook gevolgd door sommige studenten uit de 2de bachelor wiskunde en 3de bachelor fysica.

Gisteren heb ik alle finale quoteringen van het bewuste vak afgerond, en collectieve feedback op het examen voor de studenten beschikbaar gemaakt. Twee slides uit dit collectief feedback document wil ik even toelichten.

Toegenomen slaagpercentage

Het slaagpercentage voor dit vak is, ten opzichte van vorig academiejaar, toegenomen. Onderstaande grafiek toont sinds 2014 het aantal afgelegde examens in juni, alsook het slaagpercentage met en zonder blanco ingediende examens verrekend.

Op het eerste zicht lijkt het dus alsof we dit jaar iets goed gedaan hebben, tenminste als we het ruwe slaagpercentage als criterium nemen. Deze grafiek laat trouwens ook nog andere interessante dingen zien:

  • 2019 (het jaar vóór corona) was het eerste jaar dat ik lesopnames gebruikte voor dit vak (het auditorium waarin ik les gaf was hier toevallig reeds voor uitgerust). Er is een stijging van het slaagpercentage te merken in dat jaar.
  • 2020 is het jaar dat half in corona plaatsvond, en daar heb ik deels de lesopnames uit 2019 herbruikt. Dit was het begin van de corona-pandemie, en alles moest snel-snel gaan. Als vice-decaan was ik toen ook verantwoordelijk voor het uittekenen van het corona-beleid van de faculteit, dus ik prees me gelukkig dat ik reeds over lesopnames beschikte.
  • 2021 is het jaar waarin dit vak volledig online (maar wel live) werd gegeven, via de ingebouwde tools van KU Leuven in het elektronische leerplatform. De opnames van deze sessies werden nadien ter beschikking gesteld. Het slaagpercentage toont daar een dip in vergelijking met de jaren vóór en nadien.
  • In 2022 zijn alle lessen terug in auditorium gegeven, met inbegrip van streaming en lesopnames nadien ter beschikking stellen, maar dus ook met het invoeren van formatieve feedback ipv formatieve feedback op opdrachten gedurende het semester.
  • Van 2014 tot 2022 is het aantal studenten ongeveer met 50% toegenomen (2022: 185 ingeschreven studenten, 153 examendeelnames).

Heeft formatieve feedback een gunstig effect?

Hiervoor laat ik volgende slide zien uit mijn collectief feedback document:

Studenten die dus één of meerdere milestones hebben ingediend (er waren 15 milestones verspreid over het hele semester) scoren dus beduidend beter, zowel qua slaagpercentage, als qua gemiddelde score op het examen.

Of dit nu correlatie is ('de betere studenten zijn ook diegenen die milestones hebben ingediend') dan wel causaliteit ('het actief indienen van milestons leidt tot een betere beheersing van de inhoud van het vak') zal hopelijk blijken uit een afrondende bevraging die volgende week aan de studenten wordt toegestuurd.

Alleszins bemoedigende resultaten!

zaterdag 18 juni 2022

Feedback in plaats van quotering (5)

Vandaag is er examen van een vak dat ik doceer in 1ste bachelor informatica, "Gegevensstructuren en Algoritmen". Dit is ook het vak waar ik dit jaar gequoteerde opdrachten heb vervangen door een reeks "milestones", en waar studenten vrij snel binnen enkele dagen meer persoonlijke feedback op krijgen (maar dus geen quotering meer). Alle punten voor het vak zijn te verdienen met het examen. Zie ook eerdere blogposts in deze reeks voor een meer uitvoerige uitleg.

Eerder berichtte ik over het deelnamepercentage bij de eerste reeks milestones. Het volledig deelname-aantal (185 studenten ingeschreven voor vak) voor alle milestones dit semester is als volgt:

Een eerste reeks ging over de analyse van sorteeralgoritme. Er waren enkele milestones die ontsloten konden worden, maar die heeft niemand ingediend.

  • Milestone 1.1 Selection Sort: 43 ingediende oplossingen
  • Milestone 1.2 Insertion Sort: 36 ingediende oplossingen
  • Milestone 1.3 Merge Sort: 28 ingediende oplossingen
  • Milestone 1.4 Quick Sort: 25 ingediende oplossingen
  • Milestone 1.5 Breng alles samen: 14 ingediende oplossingen

Een tweede reeks ging voornamelijk over prioriteitsrijen. Afgaande op reeks 1 waren er nu geen "te ontsluiten" milestones, en werd er duidelijker aangegeven dat milestone 2.1 de belangrijkste was, en de daaropvolgende (die stap voor stap naar een grotere oefening leiden) eerder het uitwerken van een toepassing was.

  • Milestone 2.1 Analyseren Heap: 24 ingediende oplossingen
  • Milestone 2.2 (onderdeel van een grotere oefening): 11 ingediende oplossingen
  • Milestone 2.3 (onderdeel van een grotere oefening): 8 ingediende oplossingen
  • Milestone 2.4 (onderdeel van een grotere oefening): 7 ingediende oplossingen
  • Milestone 2.5 (onderdeel van een grotere oefening): 4 ingediende oplossingen

Een derde reeks gaf enkele oefeningen i.v.m. dynamisch programmeren, in oplopende moeilijkheidsgraad. De instructies gaven aan dat minstens 1 oefening bekijken toch wel extra inzichten zou geven, maar dat men ze neit allemaal hoefde te maken om dat inzicht te verwerven.

  • Milestone 3.1 Fibonacci: 15 ingediende oplossingen
  • Milestone 3.2 Dobbelstenen: 7 ingediende oplossingen
  • Milestone 3.3 Eiland: 8 ingediende oplossingen
  • Milestone 3.4 Doolhof: 3 ingediende oplossingen
  • Milestone 3.5 pad zoeken: 2 ingediende oplossingen

In totaal hebben 48 unieke studenten één of meerdere milestones ingediend, en 1 student heeft alles ingediend (behalve de 'te ontsluiten'' milsestones in reeks 1).

Er komt alleszins na de examenperiode nog een bevraging bij studenten (in samenwerking met de onderwijsdiensten van de faculteit) hoe ze één en ander ervaren hebben, maar ook zal ik zelf een analsye maken na het examen om na te gaan of er correlatie tussen cijfers op het examen en al dan niet deelname aan de milestones. Het zou me verwonderen indien dat niet zo zou zijn, ook al omdat deelname natuurlijk zelf-selectie is en vermoedelijk de "betere" studenten deelgenomen hebben.

Maar de deelnamecijfers zoals hierboven gegeven zijn uiteraard zeer laag, zeker bij reeks 3 die tegen het einde van het semester viel. Sommigen zullen zeggen "Tja, dat was te voorspellen! Hoe naïef kan je zijn?" Maar alleszins zet ik hier minstens volgend jaar nog mee door. Afhankelijk van de resultaten van de bevraging zullen we uiteraard wel bijsturen, en vermoedelijk nóg beter briefen over het hoe en waarom.

Anderzijds ben ik wel van mening dat het de verantwoordelijkheid is van studenten om zich in te schrijven in een leerproces. Indien men daar - om welke reden dan ook - niet aan wenst deel te nemen, so be it. Uiteindelijk verplichten we studenten ook niet om naar lessen of oefenzittingen te komen, dus waarom zouden we ze dan semi-verplichten aan opdrachten deel te nemen door er enkele punten voor de eindquotering aan te verbinden? Er is hierbij natuurlijk een belangrijke randvoorwaarde, namelijk dat de doelstellingen van het vak wel degelijk volledig worden afgetoetst op het examen. Maar dat is wél degelijk het geval, ook al omdat ik dit jaar enkele andere type oefeningen in het examen heb gebracht die voordien eerder getoetst zouden worden via gequoteerde opdrachten.

Afwachten dus wat de verdere analyse brengt.

dinsdag 22 februari 2022

Feedback in plaats van quotering

Dit semester voer ik een grotere verandering door in een vak dat ik doceer in 1ste bachelor. Waar van oudsher een aantal opdrachten tijdens het semester opgegeven werden aan studenten, die vervolgens werden ingediend en gequoteerd (en meetelden voor een totaal van 6/20), zal ik vanaf nu werken met niet-gequoteerde opdrachten, en meer inzetten op inhoudelijke, meer persoonlijke feedback. Alle punten zullen staan louter en alleen op het examen.

Ik worstel reeds langer met het opzet dat we vaak hanteren bij gequoteerde opdrachten. Té vaak zien studenten ze als een soort van verplicht nummer, en proberen ze op een gemakkelijke manier te voldoen aan de vereisten: ongeoorloofde samenwerking (wat niet strookt met de integriteit van een individuel quotering), gebruik van oplossingen online i.p.v. het werk zelf te doen, soms zelf regelrechte fraude. Aan de kant van het didactisch team is het verbeteren van opdrachten  - zeker voor grote vakken - vaak een oefening om zo snel mogelijk en zo uniform mogelijk elke ingediende opdracht te verbeteren, en wordt soms veel energie gestoken in het moeilijk maken voor studenten om achterpoortjes te gebruiken. Van die boswachter-stroper mentaliteit moeten we vanaf. Met een boutade zeg ik wel eens: "Binnen enkele jaren gebruiken studenten AI om opdrachtne in te dienen, en gebruiken professoren AI om opdrachten te verbeteren. Wat kan daar in godsnaam de bedoeling van zijn?"

Gedurende de zomermaanden, en na me ingelezen te hebben over alternatieve "grading"-systemen, heb ik dan de knoop doorgehakt. Uiteraard ben ik niet over één nacht ijs gegaan. Eén en ander is grondig doorgesproken met het didactisch team, de facultaire onderwijsondersteuners, en de onderwijscommissie van de opleiding waarin het vak nominaal geprogrammeerd staat.

Waar ik op mik is dat meer wordt ingezet op het inhoudelijke studeerproces. De individuele feedback die studenten zullen ontvangen op hun ingediende opdrachten zal helpen om de leerstof beter te begrijpen en beter onder de knie te krijgen. In onderwijsjargon heet dit dat we gebruik maken van formatieve feedback (gericht op het studeerproces), en niet op summatieve feedback (gericht op quoteren en punten).

Het opzet is dat niet-gequoteerde opdrachten een sterkere leerervaring creëeren. Doordat de "stress" van de quotering wegvalt, kan je je als student meer richten op het verwerven van kennis en inzicht, zonder je onmiddellijk te moeten bekommeren of een mindere opdracht nu al dan niet zwaar zal doorwegen in de finale beoordeling.

Bovendien zijn er ook andere voordelen:

  • Elke opdracht zal bestaan uit een aantal kleinere "milestones". Een student hoeft niet alles in te dienen, maar heeft de keuze om zich te richten op die milestones die het meest zullen bijbrengen. Uiteraard moedigen we iedereen aan om alle milestones te maken, maar als een student om één of andere reden geen milestone wil of kan indienen, is dat een vrije keuze zonder verdere gevolgen (behalve dan dat de student de inhoud van die milestone minder in de vingers zal hebben).
  • De individuele feedback per milestone zal ook gegeven worden naarmate studenten die milestone indienen. We gebruiken geen uniforme deadline waarop alle studenten de volledige opdracht indienen. Studenten hebben dus meer vrijheid om de opdracht in te plannen wanneer die beter in je tijdsbesteding past.
  • Vermits de opdrachten niet gequoteerd zijn (wat zou impliceren dat ze individueel gemaakt worden), hebben studenten nu de vrijheid om met mede-studenten te overleggen, samen te werken, te discussiëren, ... zonder dat men zich moet afvragen of dit wel kan volgens de regels van de academische integriteit. Idem geldtvoor zich te baseren op extern materiaal, zolang dit uiteraard maar op de juiste manier gerefereerd wordt.
  • De individuele feedback van de opdracht laat ook een meer vrije aanpak van de opdrachten toe. Een student kan een eigen methode en tools kiezen, of zelfs eventueel buiten de krijtlijnen van een individuele opdracht gaan.

Als didactisch team geeft dergelijk opzet ons ook de vrijheid om meer individuele en gerichte feedback te geven. Bij gequoteerde opdrachten speelt het gelijk behandelen van alle studenten een belangrijke rol: het gelijk en consistent quoteren, het op dezelfde manier feedback geven, het vermijden van eindeloze discussies achteraf over de quotering, ... In deze dingen kruipt vaak veel tijd, zonder dat ze effectief iets bijdragen aan het studeerproces en beheersen van nieuwe kennis door elke student.

Natuurlijk ben ik ook niet naïef. Het hanteren van opdrachten die weliswaar feedback opleveren, maar geen quoteringen, betekent ook dat er een mogelijkheid is dat een significant deel van de studenten de opdrachten niet meer zullen indienen. Uit de bevragingen die ik samen met facultaire onderwijsondersteuners heb georganiseerd bij studenten die het vak vorig jaar volgden, blijkt dit echter mee te vallen. Een grote groep studenten zegt nog steeds de opdrachten te zullen maken indien ze niet gequoteerd zijn. Of dat ook zal zijn is nog even afwachten.

Maar alles staat of valt met het goed inlichten van de studenten: Waarom de opdracht maken? Waarom zijn ze nuttig? Wat zal je aan kennis en vaardigheden verwerven? Welk type examenvragen sluiten aan bij de opdrachten? Daar heb ik de voorbije weken dus redelijk wat tijd aan gespendeerd.

Alleszins ben ik benieuwd naar de resultaten ...

dinsdag 27 april 2021

Tweede examenkans, of tweede studeerkans?

Met de regelmaat van de klok duiken er in universitaire discussies allerhande de herexamens op. Of het nu gaat over de praktische organisatie van het academiejaar, de verwachtingen van studenten over examens, de slaagpercentages in het algeheel ... herexamens maken deel uit van het Vlaamse universitaire landschap. Telkens de idee van herexamens bediscussieerd wordt, of onderhevig is aan "hervormingen", gaat dergelijke discussie vaak gepaard met sterk emotionele reacties. De voorbije jaren heb ik dergelijke discussies met wisselende intensiteit mogen meemaken.

In willekeurige volgorde, enkele bedenkingen ... 

  1. Een tweede examenkans is niet hetzelfde als een tweede studeerkans. Vaak worden beide begrippen door elkaar gehaald. De discussie kan vaak zuiverder gevoerd worden door deze twee benaderingen over herexamens uit elkaar te halen. Een tweede examenkans kan enkele dagen ná het vorige examen plaatsvinden, daar hoeft geen twee maand overheen te gaan. Herexamens moeten bedoeld zijn voor studenten die ingezet hebben op het leerproces, maar de eerste examenkans niet ten volle konden benutten.
  2. Waarom herexamens als we reeds toleranties hebben? Globaal gezien moet een student, in de weg naar een diploma, een slaagcijfer behalen op een aantal opleidingsonderdelen. Een student heeft nu per academiejaar 2 examenkansen. Vaak kan een opleidingsonderdeel het jaar nadien opnieuw opgenomen worden (en zijn er dus reeds 4 examenkansen). Mits een aantal voorwaarden ook nog een derde maal (6 examenkansen). Waarom zijn dan nog toleranties nodig (inzetten bij een cijfer < 10/20), als er reeds zovele examenkansen zijn? Of omgekeerd, waarom zovele examenkansen als er toleranties zijn?
  3. Herexamens mogen en kunnen niet structureel behoren tot het studieverwachtingspatroon.  In om het even welke instelling hoger onderwijs zou het de norm moeten zijn dat een student, mits de juiste studiehouding en studie-inspanningen, op alle opleidingsonderdelen een slaagcijfer behaalt bij een eerste examenkans. In het eerste jaar komt hier de voorwaarde 'mits een goede studiekeuze' bij. Het niet-slagen op opleidingsonderdelen (en dus ook herexamens) zouden uitzonderingen omwille van speciale omstandigheden moeten zijn.
  4. Studie-programma's moeten haalbaar zijn op 10 maand, niet op 12 maand of langer. Modeltrajecten moeten zodanig opgesteld zijn dat de gemiddelde student, opnieuw mits de juiste studie-inspanningen, perfect op alles kan slagen binnen de voorziene periode van 10 maand. Denkpistes waarbij zogenaamde "thesisjaren" tot de geplogendheden beginnen te horen, zijn uit den boze. Ook examens beoordelen mag niet gebeuren met in het achterhoofd 'er zijn nog steeds herexamens', en dit noch in positieve, noch in negatieve zin.
  5. Herexamens zullen steeds deel uitmaken van het onderwijslandschap, al is het maar om speciale situaties zoals langdurige ziekte of overmacht op te vangen. Maar dit is voorwaardelijk, niet onvoorwaardelijk.
  6. Maak onderscheid tussen het eerste jaar en hogere jaren. Omwille van de vrije studiekeuze zoals we die in Vlaanderen kennen, zal er steeds een significant deel van de studentenpopulatie een 'verkeerde' keuze maken, of het nu omwille van voorkennis, interesse of studie-aanpak is. Maar modaliteiten uitwerken voor eerstejaarsstudenten hoeven niet noodzakelijk te gelden voor hogerejaars.
  7. Herexamens zijn geen planningstool voor de student. Studenten moeten niet de vrijheid hebben om een examen af te leggen in diverse zittijden. Een herexamen is een herkansing, het is geen alternatieve eerste kans.
  8. Het leerproces is een gedeelde verantwoordelijkheid van docenten en studenten. Docenten mogen er van uitgaan dat studenten de beschikbare studietijd gedurende het reguliere semester ten volle benutten. Dit houdt in dat studenten actief bezig zijn met de leerstof, dat studenten zich inspannen voor opdrachten en gebruik maken van de aangeboden ondersteuning en facilteiten. Anderzijds is het de verantwoordelijkheid van de docenten en de opleiding dat de gevraagde inspanningen voor studie-activiteiten gedurende het semester doelgericht en haalbaar zijn, en dat er een redelijke spreiding van de studiebelasting is.
  9. Examenkansen kunnen losgekoppeld worden van examenperiodes. Waarom slechts één examenkans per examenperiode? Vaak immers worden discussie over 'herexamens' gekoppeld aan discussies over de kalender waarin deze herexamens gepland worden.
  10. Herexamens kunnen ondere modaliteiten georganiseerd worden: meer compacte roostering; of zelfs eventueel een gelimiteerde quotering, met het oog op het aanmoedigen van studenten om maximaal in te zetten op de eerste examenkans.

Telkens voer voor heel wat discussie :-)

maandag 13 januari 2014

Examens door een professorenbril


Examens zijn een vreemde vorm van tijdsverdrijf, maar horen ontegensprekelijk bij het universitaire leven. In zekere zin zijn ze een noodzakelijk kwaad. Een vorm van evaluatie hoort nu éénmaal bij het hoger onderwijs, al was het maar opdat de student na 5 jaar kan bewijzen - papiertje in de hand - dat de tijd aan onze Alma Mater niet helemaal verprutst werd op kotfeestjes of in de fakbar

Dat examens de gemoederen dikwijls kunnen beroeren - niet enkel bij studenten maar ook bij professoren - mag blijken uit volgende uitspraak van de legendarische prof. R. Van Cauteren uit de faculteit ingenieurswetenschappen, anno 1956: “Er zijn, blijkens de ervaring, twee dingen die men het leven lang niet vergeet, dat is een bombardement en een universiteitsexamen. De sfeer waarin thans examens afgenomen worden, wordt bepaald door de confrontatie van twee wezens: één dat vol nerveuze en soms angstige overspanning aanbotst tegen een ander dat loom en lusteloos naar steeds nieuwe vragen zoekt en veel energie moet opbrengen om enige aandacht te behouden.”

Zelf heb ik al vele honderden studenten de revue zien passeren. Alhoewel omwille van pragmatische redenen de laatste jaren meer en meer schriftelijke examens georganiseerd worden, blijven mondelinge examens toch een zekere voorkeur wegdragen, al was het maar omdat aan beide kanten nadien straffe verhalen kunnen verteld worden. Want bij de koffiemachine worden de grappige, triestige, geweldige, en idiote voorvallen gedurende de examens onder professoren natuurlijk gretig gedeeld, net zoals studenten dat doen.

Onderstaande “examentips” zijn allen gebaseerd op ware voorvallen die de laatste jaren mijn aandacht getrokken hebben, en die ik daarom even wil meegeven aan het studentenpubliek. Natuurlijk zijn deze gekleurd door de praktijken uit mijn eigen faculteit, en ik ben er me terdege van bewust dat de raadgevingen die ik hier geef misschien best worden afgetoetst tegenover de geplogendheden in de eigen studierichting …


  1. De kleren maken de man.
    Laten we beginnen bij het begin. Wat trek je aan voor een examen? Sommigen zweren bij driedelig maatpak (of een equivalente kledingstijl voor de dames), anderen verkiezen een meer casual outfit. Zelf betreur ik wel eens het heengaan van een striktere kledij-etiquette, maar om eerlijk te zijn: het zal me worst wezen welke kledij je draagt, zolang je maar netjes en niet aanstootgevend voor de dag komt. En dat kan in jeans en t-shirt zijn, waarom niet? Nochtans zijn er bepaalde normen die best niet overschreden worden. Een strandoutfit (Bermuda-broek, teenslippers) is er toch net ietsjes over, en vulgaire opschriften op je kledij laat je best ook achterwege. Ook komische effecten zoals een duidelijk te korte kostuumbroek die geleend is van je vader, of een zwart-witte oberoutfit zijn niet aan te raden. Af en toe begin ik net niet te lachen als er iemand zich op die manier aanbiedt, wat dan weer niet bevorderlijk is voor de concentratie. Maar vooral: neem een douche en poets je tanden!
  2.   Lees niet enkel het begin, ook het einde.
    Eens je de vragen in handen hebt, of het nu tijdens een schriftelijk of mondeling examen is, lijkt het mij essentieel dat je de vraag volledig leest. Vele studenten lezen slechts de helft van een vraag, waardoor de feitelijke vraagstelling soms gewoon over het hoofd gezien wordt. Vooral tijdens de mondelinge toelichting komt dan de confrontatie, waarop je als prof nogal verveeld moet zeggen: “En, waar is het tweede deel van uw antwoord?” Indien er tijd genoeg is, stuur ik dergelijke studenten wel terug naar hun plaats, maar bij schriftelijke examens is het kalf dan al verdronken.
  3. Orde, mijne dames en heren, orde en netheid!
    Dit is meer van toepassing op schriftelijke examens, maar het is ongelooflijk welke beduimelde hoopjes papier er moeten doorgaan voor een ingediend examen. Overvloedig gebruik van corrector, veelvuldige inktvlekken, amper leesbaar schrijven, allerhande flauwe excuses (“Geen tijd meer meneer”, “Indien verdere uitleg noodzakelijk, hier mijn GSM-nummer”), luie redeneringen waarvan zelfs de student moet zien dat die fout zijn ... de “propere” examens hebben subjectief al bijna een punt in het voordeel … Af en toe tref je nog wel een exemplaar aan in een loopy-lagere-school-meisjes-handschrift, wat dan weer een beetje soelaas kan bieden in deze barre tijden.
  4. Hanteer de juiste terminologie.
    Een aantal studenten zijn niet niet in staat om de juiste terminologie betreffende begrippen en definities te gebruiken. Nu weet ik wel dat een juiste benaming ondergeschikt is aan de onderliggende betekenis, maar het verkeerd gebruiken van vakterminologie werkt als een rood lampje in een kerncentrale: het is een symptoom van een onderliggend, ernstiger probleem. Misschien heeft de student de stof toch niet zo grondig geleerd? Begrijpt hij wel waar hij het over heeft? Als ondervrager heb je dan de reflex om dieper te gaan graven, niet altijd tot tevredenheid van de student in kwestie.
  5. Spreek namen correct uit.
    Aansluitend bij bovenstaande, behelst het correct gebruik van namen van personen. Niets zo vervelend als een Franse naam op Engelse wijze uit te spreken, of een Nederlandse naam te verduitsen. Op zich is dit wederom geen ramp, maar het toont twee dingen aan: Dat je waarschijnlijk niet naar de les geweest bent, en dat je het de moeite waard niet vindt om even bij medestudenten na te gaan wat wel een correcte uitspraak is. Dergelijke akkefietjes kosten je misschien niet direct punten, maar ze helpen alleszins niet om de ondervrager wat milder te stemmen bij die delen van het examen die er wel toe doen.
  6. Praat jezelf niet de grond in.
    "Sorry professor, maar ik ben halfweg de cursus gestopt met blokken” zei een student me ooit, als verantwoording waarom hij een antwoord op een vraag blanco liet. Eerlijkheid is een deugd, maar wat moet je hier als examinator mee? Misschien dat je als student hoopt dat een eerlijke toegeving enkele goodwill-credits kan opleveren, maar bij mij neemt het alleszins alle schuldgevoel weg om dergelijke student glansrijk te buizen. In dezelfde categorie: “Ik vind uw vak niet zo interessant, daarom heb ik het niet grondig gestudeerd.” Goed, hierover kunnen we een discussietje opstarten, maar het examen is de verkeerde plaats om op dat moment een onderwijshervorming op te starten.
  7. Blok niet het boek, maar blok de inhoud!
    In principe peilt een examen naar de kennis van een bepaald vakgebied dat aan bod is gekomen tijdens een vak. In de praktijk wordt er gebruik gemaakt van een bepaald handboek, of een bepaalde manier van aanpak voor bvb. praktische oefeningen. Studenten hebben dan de neiging om teveel die praktische invulling te studeren i.p.v. het vakgebied dat eronder verscholen zit. Daarom is mijn raad aan studenten altijd om even verder te kijken dan het specifieke cursusmateriaal en naar de inhoud te kijken, niet enkel naar hoe de inhoud op een specifieke manier werd aangebracht. Dat is niet altijd evident, en dat kost moeite, maar het laat wel zien dat je de stof beter beheerst.
  8. Zeg niet "Ik zou dit kunnen uitrekenen, maar ...", maar zeg wel "Ik heb dit uitgerekend, en ..."
    Bij wat meer oefening-gerichte vragen zit er dikwijls een rekencomponent aan verbonden. Vaak doen studenten niet de moeite het resultaat effectief uit te rekenen. Misschien uit intellectuele luiheid, maar misschien ook omdat ze de stof onvoldoende beheersen om het effectief te doen.  Sommigen voeren aan dat met de hand iets uitrekenen niet meer echt van deze tijd is, en het dikwijls uitdraait op idioot tijdsverlies. Misschien. Maar een resultaat al dan niet kunnen uitrekenen heeft ook weer een signaalfunctie. Er niet toe in staat zijn legt dikwijls een onderliggend probleem bloot. En vaak peilen rekenoefeningen naar een dieper begrijpen van de feitelijke leerstof.
  9. De consensus van 100 studenten is geen eigen mening.
    Soms wordt er bij een examen wel eens gepolst naar een eigen mening. Maar een eigen mening moet dan ook een eigen mening zijn, geen consensus die via een aantal studenten is bereikt via een wiki-platform waarop enkele examenvragen van voorgaande jaren bediscussieerd worden. Doe de moeite om zelf een originele gedachtengang te formuleren! Niets zo vervelend voor een examinator om op een halve dag 20 identieke “eigen meningen” te moeten aanhoren.
  10.  Triviaal
    Gewoon grondig het vak blokken is proefondervindelijk nog steeds de beste strategie om een goede kwotering te halen.