woensdag 10 april 2013

To MOOC or not to MOOC?

Sinds enkele maanden zijn MOOCs niet meer weg te denken uit discussies i.v.m. online (hoger) onderwijs. Ik zou verwachten dat iedereen die een aan universiteit verbonden is ondertussen wel weet wat een MOOC is, maar niet zo. Ik loop verbazend nog veel collega's tegen het lijf die het acronym nog nooit gehoord hebben, laat staan wat het betekent. In het geval u een van hen bent: MOOC = Massive Open Online Course.

Kort samengevat komt het hierop neer: een vak wordt online aan het grote publiek aangeboden in de vorm van filmpjes, interactieve demo's, praktische oefeningen e.d.. Studenten kunnen zich massaal inschrijven, en werken zich (al dan niet op eigen tempo) door de aangeboden leermodules. Indien alle opdrachten tot een goed einde worden gebracht, volgt er een certificaat waaruit blijkt dat je de bewuste cursus effectief hebt gevolgd.

Alhoewel het idee van online onderwijs al wel enkele jaren of zelfs meer dan een deccenium meegaat, zijn MOOCs in 2012 plots op de voorgrond komen te staan door initiatieven zoals Udacity, Coursera en edX.

Het zou me te ver leiden hier alle fijnere nuances en varianten van MOOCs uit de doeken te doen, maar Inside Higher Education is een website waar vele goede artikels te vinden zijn over successen, mislukkingen, algemene visies e.d.

Als het in de US regent, druppelt het ook in Vlaanderen, en dus zijn MOOCs ook een recurrent gespreksonderwerp geworden op allerlei onderwijsgerelateerde fora in het Vlaamse onderwijslandschap. Alhoewel men nu ongetwijfeld nog in de hype-fase zit m.b.t. MOOCs, zijn er toch reeds enkele bedenkingen te formuleren - al dan niet relevant voor de Vlaamse context.

Moeten Vlaamse universiteiten meegaan in MOOCs?

Dat hangt ervan af of je het bekijkt vanuit de positie van aanbieder of afnemer. Als (Vlaamse) universiteit die gefinancierd wordt met belastingsgeld, is het zeker een nobele doelstelling om onderwijs aan te bieden aan zoveel mogelijk Vlamingen, ongeacht of die nu ingeschreven zijn als student zijn of niet. In die zin is er dus zeker een potentieel voor een aantrekkelijk aanbod van academische kennis. Wie zou enkele gerenomeerde professoren niet willen horen doceren over hun favoriete vakgebied?

Een ander verhaal wordt het echter als men als universiteit MOOCs zou gaan afnemen, aangeboden door andere universiteiten. Het staat elke reguliere student natuurlijk vrij om MOOCs te volgen in de vrije tijd (net zoals het iedereen vrij staat om om het even welk handboek te lezen), maar om deze op te nemen in een regulier studieprogramma voor een bepaald aantal studiepunten lijkt me een stap te ver. Dit zou immers betekenen dat we een deel van ons onderwijs - wat nog altijd de kernopdracht van een universiteit is - gaan outsourcen aan derden.

"So what?", zult u zeggen, "Doen we dat ook niet reeds met allerhande internationale uitwisselingen genre Erasmus of Athens?" Mja, misschien wel. Maar dergelijke uitwisselingen komen steeds tot stand via nauwgezette onderhandelingen tussen universiteiten, met een zekere kwaliteitsbewaking over het uitwisselingsproces. En, het blijft een uitwisseling.

Bovendien lijkt het me not done om studenten inschrijvingsgeld te vragen (of de belastingsbetaler te laten betalen voor het organiseren van hoger onderwijs), en dan de boel maar af te schuiven op een gratis MOOC die door een buitenlandse universiteit op touw is gezet.

Raakt een MOOC aan de essentie van wat een universiteit is?

Een voordeel van MOOCs dat dikwijls aangehaald wordt is dat studenten min of meer op eigen tempo door de leerinhoud kunnen gaan, dingen kunnen herbekijken en dergelijke meer. Dat is natuurlijk geredeneerd vanuit een puur functioneel leerproces.

Echter, de universiteit is meer dan enkel een leerproces, examens afleggen, en een diploma krijgen. Er zijn uiteraard aspecten zoals het proces van volwassen worden, feestjes bouwen, op eigen benen leren staan e.d. Maar we zullen niet claimen dat dit tot de essentie van de universiteit behoort, het zijn misschien wel aangename neveneffecten.

Wat volgens mij echter wel integraal deel uitmaakt van het leerproces is om te vertoeven in een intellectueel stimulerende omgeving - wat de universiteit zou moeten zijn. Omgaan met professoren, feedback krijgen, converseren met mede-studenten, gestmuleerd worden in de intellectuele ontwikkeling, zijn voor mij even essentiele aspecten van de universiteit dan enkel maar de leerstof op zich doornemen.

Deze aspecten - laten we ze trendy het omgaan met peers noemen - zijn niet zomaar te verwaarlozen. Het is de reden waarom wetenschappers nog steeds graag naar conferenties gaan (wat achteraan de zaal gebeurt is even boeiend als wat vooraan verteld wordt), of waarom netwerkrecepties nog steeds hoog ingeschat worden.

Er kan opgeworpen worden dat in de massa-universiteiten zoals Vlaanderen die vandaag kent dit aspect op de achtergrond verzeild is geraakt. Misschien. Maar we moeten het daarom niet helemaal weggooien, integendeel, opnieuw dit aspect versterken.

Tweesporen-universiteit?

Een gevaar dat er in MOOCs schuilt is dat ze al te makkelijk en verleidelijk kunnen meegenomen worden in een kostenbesparend verhaal. Laten we een goede MOOC maken, die gaat jaren mee, en we kunnen alle klassieke contactmomenten afschaffen! Lekker goedkoop!

Dit houdt echter het gevaar in dat we in universiteiten met twee sporen terecht komen. Enerzijds de grote studentenmassa, die op hun studentenkamertje geisoleerd het studiemateriaal achter de PC doorneemt; anderzijds de premium (en duurdere) opleiding voor de geselecteerde happy few met omkadering op de campus zelf, en met directe toegang tot de professoren.

Dit gevaar is niet denkbeeldig. In het neo-liberale denken dat de universiteiten meer en meer binnensluipt zou dit een perfect te verantwoorden model zijn.

Eenheidsdenken

Een andere gevaar is het eenheidsdenken. Iedereen is in de wolken over het feit dat het nu mogelijk is de wereldbekende autoriteit in het vakgebied een vak te laten geven voor tienduizend, zelf honderdduizend studenten. De beste kwaliteit voor iedereen!

Maar willen we dit ook? Willen we echt naar een model waarbij alle studenten exact dezelfde manier van denken voorgeschoteld krijgen van dezelfde star-professor? Keldert dat na verloop van tijd niet de aanwezigheid van verschillende meningen die nodig zijn om innovatief te kunnen werken in bedrijven en organisaties waar afgestudeerde studenten zullen terechtkomen? Als iedereen hetzelfde leest, hoort en denkt, is onze intellectuele omgeving dan niet eerder armer in plaats van rijker geworden?

"Maar die cursus aan universiteit X, Y of Z is toch zoveel beter dan die aan de eigen instelling!" kan menig student opwerpen. Dat kan zijn, en de kans is groot dat sommige universiteiten een beter aanbod hebben dan anderen. Maar dan moet je als student ook maar naar die andere universiteit gaan en je daar inschrijven. Misschien kan deze evolutie universiteiten ertoe aanzetten zich beter te profileren en de eigen eigenheid beter te beklemtonen. Dat zou alleszins een goede zaak zijn.

Vlaamse context

Ik loop al lang genoeg mee in het Vlaamse onderwijslandschap om te beseffen dat men in Vlaanderen zeer moeilijk tot echte keuzes komt. Het verhaal is altijd EN-EN. We willen een massa-universiteit zijn EN tegelijkertijd excellent onderzoek afleveren. We willen nederlandstalig onderwijs voor de Vlaamse student EN Engelstalig onderwijs voor de internationale student. We willen alle studierichtingen aanbieden EN top zijn in alles.

Ik vrees dat het met de nieuwe evolutie zoals MOOCs dezelfde weg opgaat. We willen MOOCs EN meer traditioneel onderwijs EN het mag ons niets extra kosten.

Een goede vriend van mij biedt op dit ogenblik een MOOC aan bij Udacity. Zijn opsomming van wie er allemaal betrokken is bij het produceren van een MOOC gaat toch iets verder dan de profesoor die wat filmpjes opneemt met zijn webcam. Als het dat laatste wordt, dan kunnen we het beter niet doen.



Ik ben niet fundamenteel tegen MOOCs. Integendeel, het lijkt me zeker een interessante ontwikkeling. Maar de vraag of we als Vlaamse universiteit zomaar blindelings moeten meestappen in dat verhaal is voor mij op dit ogenblik alleszins niet uitgeklaard. Ik hoop dat de discussie dan ook ten gronde gevoerd zal worden ...

dinsdag 15 januari 2013

Born Again

Tijd om deze blog nieuw leven in te blazen.

De laatste post dateert van midden 2009, 3.5 jaar geleden. Er zijn uiteraard goede redenen waarom ik niet meer toekwam aan bloggen op deze blog, maar het plan is om dit terug op te pikken. Geen tijd meer verknoeien op Facebook (account op non-actief gezet), maar het betere opinie-werk.

We zullen zien ...

woensdag 8 juli 2009

Examenstress etc.

Nu langzaam de campus leegloopt, kunnen we het nog eens hebben over één van mijn favoriete onderwerp: studenten en examens.

Ik heb elk jaar het genoegen om een boel studenten mondeling te ondervragen (computer graphics vakken ...), maar ook een aantal schriftelijke examens te verbeteren (1ste bachelor burgerlijk ingenieur, zo'n 500 studenten). Dat levert allerhande staaltjes van leuke anekdotes op, maar is ook een bron van frustratie en ergernis, die huisgenoten, vrijdagavond-buddies en toevallige voorbijgangers moeten aanhoren, soms tot vervelens toe.

Over sommige aspecten van examens heb ik het al eerder op deze blog gehad, maar dit jaar vielen me een aantal dingen toch weer op ...
  • "Help, ik heb geen rekenmachine!"
    Studenten mogen geen elektronica gebruiken op het examen (dus geen wikipedia access via de iPhone), en dus kan men de meest eenvoudige rekenkundige bewerkingen niet meer uitvoeren. Mag er nog geweten zijn hoeveel log2(10) is? Of zijn jonge ingenieurs echt zo hulpeloos? Misschien ben ik old-school, maar ik vind dus dat ingenieursstudenten een aantal getallen tot pakweg 4 cijfers na de komma gewoon moeten kennen. Pi en e uiteraard, maar ook de wortel van 2, en jawel, het binaire logaritme van 10. En indien je log2(10) niet kent, hoe moeilijk is het dan om dit even te schatten?

  • "Het is een 4x4 matrix!"
    De intellectuele luiheid der studenten waarmee ik geconfronteerd word is soms hemeltergend. Bij een mondeling examen krijgt men meestal een uur of twee om de vragen voor te bereiden. Ik verwacht dan ook een gedegen, uitgewerkt antwoord, en niet iets van vijf lijntjes. Dit houdt ook in dat wiskundige formules, matrices, vergelijkingen, worden gegeven. Als dan een student zegt dat een perspectieftransformatie met een matrix berekend wordt, dan is dat op zich niet fout, maar ik zou dan toch wel graag horen hoe die matrix eruit ziet. Antwoord van een jongeling: "Het is een 4x4 matrix!" ... Voor de niet-ingewijden: dit is zowat equivalent om op de vraag "Hoeveel is 1+1?" als antwoord te geven "Een cijfer!". Grrr.....
    Toen ik dezelfde vraag stelde in Louvain-la-Neuve, gaf wel iedereen het uitgewerkte antwoord. De Vlaamse studenten zijn vanuit mijn mini-perspectief bekeken toch iets luier dan de Waalse ...

  • "Niet leesbaar, geen stempel!" (*)
    Een gouden tip voor een schriftelijk examen: schrijf een beetje leesbaar. Bij sommige examenkopijen dient het papier nog enkel om de inkt bij elkaar te houden, of zien alle letters er exact hetzelfde uit. Denk alsjeblief ook eens aan de arme verbeteraar, die slechts 5 minuten tijd om je volledige schriftelijke examen te bekijken. Als ik dan niet dadelijk zie waar je antwoord over gaat, zeer jammer, maar dat is dus een nul ...
    In deze categorie hoort ook de voorliefde van studenten voor volzinnen thuis, ondanks smeekbedes om alles in telegramstijl neer te schrijven. Gelukkig heb ik nog geen antwoord gezien dat aanving met "Heden ten dage, zijn computers niet meer weg te denken uit onze samenleving ...".
Versta me niet verkeerd, ik geef graag les, werk graag samen met studenten (toch diegenen die een voldoende halen op mijn vakken), en vind dat kennis overbrengen nog altijd een van de meest nobele bezigheden is. Maar die examens, die zijn er soms toch wel teveel aan ...

(*) "Geen stempel!" is één van mijn stopwoorden geworden door één van mijn neefjes die deze uitdrukking uit de kleuterklas terug in mijn actieve geheugen plaatste. Als je daar niet braaf bent, krijg je blijkbaar geen stempel van één of ander beestje of paddestoel op je hand.

Jackson Pollock

Eind mei/begin juni vertoefde ik in aangenaam gezelschap in New York. In het Museum of Modern Art maakte ik toch wel een leuke ervaring mee, die ik mijn weinige lezers niet wil onthouden.

In de zaal waar een aantal werken van Jackson Pollock te bezichtigen waren, werd ik verschillende malen intens aangestaard door een jonge Japanner. Hij keek vrij vreemd naar mij, ik keek af en toe wel eens terug, en na enkele minuten vroeg hij of ik van de kunst van Jackson Pollock hield. Ik antwoordde dat ik de stijl wel leuk vond, waarop hij vorge of hij wist hoe Jackson Pollock eruit ziet. Zeer vreemde vraag, maar uiteindelijk kwam de aap uit de mouw: Hij vond dat ik als twee druppels water op de kunstenaar leek. Ik was enigszins verrast, maar toen stond hij erop dat ik voor hem poseerde naast een schilderij van Pollock. Toen hij de foto nam, schoten ogenblikkelijk enkele andere Japanners ook in actie om eveneens een foto van mij naast het werk van Pollock te nemen.

Anyway, hij beloofde me de foto op te sturen (zie hierboven). Of ik nu echt op Jackson Pollock lijk, moet iedereen zelf maar beoordelen ...


dinsdag 26 mei 2009

GP Lego Mindstorms

Nog meer filmpjes van de Lego Mindstorms projecten van afgelopen academiejaar. Cool stuff!

woensdag 13 mei 2009

P&O Lego Mindstorms 2009

Some results from the project course I'm running for 3rd bachelor CS students.

vrijdag 8 mei 2009

maandag 23 maart 2009

Oops, tijd voor een update

Ik merk dat ik al 3 maand niet geblogd heb. De flauwe reden is natuurlijk opnieuw dat ik met mijn takenpakket dit semester amper tijd heb om toe te komen aan bloggen.

Desalniettemin, wat is zoal gebeurd dat het vermelden waard is?

Eurographics 2009 is nog slechts een weekje ver. Als co-chair van het papers-programma is alle werk gedaan, maar je weet maar nooit of onverwachte gebeurtenissen opduiken.

Ondertussen gaan de lessen vlotjes door. Vier maal 2 uur informatica per week geven kruipt niet in de kouwe kleren. Daarbovenop nog 2 graphicsvakken, en coordinator spelen voor P&O. Projecten dit semester hebben alles te maken met het zoeken en oppikken van balletjes. Kijk naar http://www.youtube.com/watch?v=0XdP7E4wA6w voor een goed voorbeeld.

Ondertussen kabbelt het academisch leven verder, maar met de nakende rectorsverkiezingen zit er natuurlijk wel wat meer spice in. Met diverse kandidaten heb ik al een informele babbel gehad, maar natuurlijk is eht nog te vroeg om conclusies te trekken.

zondag 28 december 2008

Cursussen 2de semester

En hier, louter voor de nieuwsgierigen, mijn vakken voor het tweede semester:
  • Methodiek van de Informatica (1ste bachelor burgerlijk ingenieurs)
  • Computer Graphics 2 (laatste jaar CW en Informatica)
  • Computer Graphics 1 (maar deze keer aan de UCL, dus eigenlijk Infographie)
  • Capita Selecta Mens-Machine Interactie (laatste jaar CW en Informatica)
  • P&O Hoofdrichting Computerwetenschappen (alhoewel, geen echt vak, maar een projectvak, en spelen met de Lego-robotjes)
  • Geintegreerd Practicum Nevenrichting Computerwetenschappen (idem)
  • ... en dan hier en daar nog een gastcollege er tussendoor, zoals hoogstwaarschijnlijk voor het vak Geschiedenis van de Informatica.
Werk aan de winkel dus ...

Het ZER is klaar!

Ergens gedurende 2009 worden de opleidingen informatica en computerwetenschappen gevisiteerd, wat betekent dat nagegaan wordt of het informatica-onderwijs aan de universiteit nog wel van voldoende hoge kwaliteit is. Een en ander over het visitatieproces kan je hier lezen.

Als voorbereiding van de visitatie hebben we aan het Departement Computerwetenschappen het afgelopen semester een Zelf-Evaluatie Rapport (kortweg het ZER) samengesteld. Dat is een lijvig boekwerk dat de staat van de opleiding voorstelt, zodat de visitatiecommissie zelf al een document heeft om te starten. Als POC-lid van de opleiding computerwetenschappen heb ik daar een steentje toe bijgedragen. Weliswaar een steentje dat relatief veel tijd in beslag nam, maar we mogen niet klagen... het steentje van sommige collega's was eerder een rotsblok. Globaal gezien heeft het opstellen van het ZER zeer veel tijd gekost.

De afgelopen maanden werd door iedereen benadrukt dat het ZER zeer belangrijk was. Immers, het eindrapport van de commissie moet liefst zo positief mogelijk zijn. Anderzijds werd dikwijls door dezelfde mensen steen en been geklaagd dat wat allemaal in dat ZER moet staan soms wel overdreven is. Gelukkig is er een leidraad die we konden gebruiken, en die zoal aangaf wat er wel en niet in kon. Ironisch is dat die leidraad ongeveer even lang is als het ZER zelf.

Iedereen is overtuigd van het belang van hoger onderwijs van goede kwaliteit. Maar om dat na te gaan aan de hand aan de hand van een zelf-evaluatierapport lijkt toch niet altijd de goede optie. Zo mochten we zelf als opleiding onze zwakke en sterke punten aanhalen. Natuurlijk komt daar wat politiek bij kijken om de sterke punten zo goed mogelijk voor te stellen als eigen verwezenlijkingen, terwijl de zwakke punten uiteraard enkel te wijten zijn aan slechte omkadering vanwege de overheid of de universiteit, waarvoor onszelf geen enkele blaam treft. Ik kan me ook niet inbeelden dat de visitiatiecommissie door 2 dagen op bezoek te komen onze echte zwakke punten zal ontdekken, die we liefst een beetje onder de mat vegen. Maar misschien horen dergelijke proza-spelletjes wel bij dit soort rapporten.

Al bij al een leerrijke ervaring. Ik begrijp nu alleszins beter waarom sommige collega's met meer ervaring verklaren "... zich liefst zo ver mogelijk van die visitatie weg te houden ... ". Maar goed, we kijken al uit naar de visitatie zelf!