zaterdag 16 december 2006

Xmas lecture

Op zaterdag 16 december organiseerde de Faculteit Wetenschappen haar jaarlijkse Christmas Lecture. Dit jaar was de spreker professor Alan Rowan, chemicus verbonden aan de universiteit van Nijmegen, en actief in het interdisciplinaire gebied van de biochemie en de organische chemie.

Rowan bestudeert onder meer individuele enzymen. Zo slaagde hij erin – samen met een onderzoeksgroep van de K.U.Leuven overigens – de werking van één enkel enzym zes uur lang te volgen: een vetoplosser in een wasmiddel. De informatie die daaruit voortkomt, leert ons veel over de structuur en de werking van enzymen, en toont aan dat ze niet altijd even werkzaam zijn. De vraag is dan ook of enzymen zodanig gewijzigd kunnen worden, dat ze permanent tot hogere prestaties in staat zijn. Hij is vooral ook gespecialiseerd in nanotechnologie. In 2003 ontwikkelde hij samen met zijn collega’s in Nijmegen een nanomachine, een kraalvormige molecule die chemische reacties tot stand kan brengen op polymeren die door de molecule heen lopen. Een van de toepassingen waarvoor nanomachines gebruikt kunnen worden is het aanbrengen van patronen en schakelingen op nanoschaal, om bijvoorbeeld computerchips te maken op moleculaire schaal.

Gedurende de lecture liet hij ook enkele spectaculaire filmpjes zien van de werking van een enkele molecule, alhoewel het publiek niet altijd het verschil merkte (denk ik) tussen feitelijke opnames met een elektronenmicroscoop en computeranimaties ;-)

Op het einde van de zeer goed gegeven lecture volgde er nog een uitspraak van Plutarchus over Archimedes, die de essentie van een goed wetenschapper treffend verwoord:

... being perpetually charmed by his familiar siren, that is, by his geometry, he neglected to eat and drink and took no care of his person; that he was often carried by force to the baths, and when there he would trace geometrical figures in the ashes of the fire, and with his finger draws lines upon his body when it was anointed with oil, being in a state of great ecstasy and divinely possessed by his science.


woensdag 13 december 2006

P & O 2de jaar

De studenten van het 2de bachelor-jaar burgerlijk ingenieur stelden vandaag hun projecten van P&O voor. Voluit is dit Probleemoplossen & Ontwerpen, een project-matig vak dat in alle 3 bachelorjaren aan bod komt. De achterliggende idee is steeds dat studenten op die manier veel beter met de ingenieurspraktijk in aanraking komen dan door de klassieke vakken het geval is.

Er waren enkele knappe dingen te zien, te veel om op te noemen, en Campuskrant heeft er deze week ook een artikel aan gewijd, waarin ingezoomd wordt op het afluisteren van een toetsenbord door karakteristieken op te meten die de aanslag van een toets maakt; waterzuivering a.d.h.v. lavastenen; en een treintje dat rijdt op zonne-energie.

Toch twee projecten die me opvielen: de ornithopters, die al enkele jaren meegaan, en er telkens vrij spectaculair uitzien, en een variant van het bordspel Scotland Yard, dat on-line gespeeld werd op een kaart van Leuven (zie foto's). Knap werk.

dinsdag 12 december 2006

Laatste les semester

Vandaag heb ik mijn laatste les van het semester gegeven. Nu ja, ik gaf slechts 1 vak dit semester, "Advanced Computer Graphics" (CG2), handelend over rendering algoritmen, met een sterke focus op global illumination, en dat gevolgd wordt door een 15-tal studenten uit het laatste jaar informatica of ir. computerwetenschappen.

Het is altijd afwachten of de studenten nu effectief het grootste deel van de behandelende topics ook grondig verwerkt en begrepen hebben. Dat komt uiteraard pas tot uiting op het examen. Echter, voor CG2 hanteer ik al enkele jaren een systeem waarbij er 4 'homeworks' uitgedeeld worden tijdens het semester, met een turnaround time (opgave, indienen, verbeteren en feedback) van 2 weken. In totaal zijn er met deze homeworks 30% van de punten van te verdienen, maar studenten hoeven ze niet in te dienen. Het enige nadeel dat ze hiervan ondervinden is dat ze de punten die ermee geassocieerd zijn niet kunnen verdienen. Ik meen dat dit een volwassen manier is om met practica om te gaan. Studenten kunnen zelf autonoom beslissen of de tijdsinvestering gedurende het semester de moeite loont.

Een zij-effect is ongetwijfeld dat de leerstof op deze manier beter verwerkt wordt. De homeworks vereisen dat er wat ge-experimenteerd wordt met software, en dat de studentne laten zien dat bepaalde aspecten op een voldoende kritische manier kunnen benaderen. Zeker in een laatste jaar moet dit kunnen.

Bovenstaande is natuurlijk de theorie vanuit mijn standpunt bekeken. Of de studenten dit ook zo ervaren is ook nog afwachten. Dit semester loopt er in de faculteit een proefproject in samenwerking met VTK waarbij studenten via een website hun commentaar op een bepaald vak kunnen ingeven. De studentenvertegenwoordigers in de POC zullen deze commentaar dan zuiveren van eventuele ongepaste opmerkingen, en nadien aan de docenten overmaken, die er dan op kunnen inspelen. Aan de ene kant is dit een goed initiatief, anderzijds laat het informeel karakter ervan niet echt toe om een grondige analyse van de kwaliteit van een vak te maken. Ik ben daarom ook sterk voorstander van een grondige bevraging elk jaar voor elk vak, zoals enkele jaren geleden geprobeerd is met het JADE-systeem. Maar blijkbaar ligt deze problematiek aan de K.U.Leuven nog steeds zeer gevoelig.

maandag 4 december 2006

Drie inspirerende video's

Youtube is altijd goed om leuke video's te ontdekken, zelfs filmpjes die academisch enige relevantie hebben.

Het eerste filmpje komt uit de documentaire Triumph of the Nerds uit 1996, en die op PBS is uitgezonden. Presentator was Robert Cringely, die nu nog steeds een column schrijft over het reilen en zeilen in Silicon Valley. Het fragment gaat over de grafische interface gebaseerd op vensters en besturing via een muis, die we nu allemaal kennen, maar die oorspronkelijk ontwikkeld werd door het Palo Alto Research Centre van Xerox, ook bekend als Xerox Parc. Steve Jobs, toenmalig CEO van Apple, wordt terecht opgevoerd als de visionair die de grafische interface naar de persoonlijke computer bracht. Een korte transcript, die Robert Cringely met zeer veel overgave brengt:
The most dangerous man in Silicon Valley sits in an office in this building. People love him and hate him. Often at the same time. For ten years by sheer force of will he made the personal computer industry follow his direction. With this guy we're not talking about someone driven by the profit motive in a desire for an opulent retirement at the age of forty, no we're talking holy war we're talking rivers of blood and fields of dead martyrs to the cause of greater computing. We're talking about a guy who sees the personal computer as his tool for changing the world. We're talking about Steve Jobs.
Een tweede filmpje gaat ook over Steve Jobs. Het is een speech die hij gaf tijdens de graduation op Stanford in 2005. Aan Amerikaanse universiteiten is het wel vaker de gewoonte dat op diploma-uitreikingen bekende sprekers worden uitgenodigd, en Stanford is natuurlijk geen uitzondering.
Sometimes life hits you in the head with a brick. Don't lose faith. I'm convinced that the only thing that kept me going was that I loved what I did. You've got to find what you love. And that is as true for your work as it is for your lovers. Your work is going to fill a large part of your life, and the only way to be truly satisfied is to do what you believe is great work. And the only way to do great work is to love what you do. If you haven't found it yet, keep looking. Don't settle. As with all matters of the heart, you'll know when you find it. And, like any great relationship, it just gets better and better as the years roll on. So keep looking until you find it. Don't settle.
Het laatste filmpje (niet on Youtube) , maar zeker niet het minste, is een portret van prof. Donald Greenberg, in wiens Program of Computer Graphics aan Cornell University ik werkte als postdoc van 1998 tot 2001. Don Greenberg is een legende op zichzelf in het computer graphics-wereldje. Een zeer inspirerend iemand, van hem heb ik zeer veel opgestoken over hoe je een succesvolle research groep moet leiden. Het filmpje schetst zijn carriere, startende van toen hij zelf ook student was aan Cornell in de jaren 50, en toen studeren nog een sociaal voorrecht was. All-American and definitely Ivy-League ...
Filmpje op http://ifup.cit.cornell.edu/

vrijdag 1 december 2006

Opiniestuk Rector Vervenne en Vice-rector Maex

Vrijdag 1 december verscheen volgend opiniestuk in De Standaard van rector Vervenne en vice-rector Maex a.g.v. de politieke kritiek die er gekomen was op het rapport van de energiecommissie onder voorzitterschap van William D'haeseleer. Ook bij mij persoonlijk zijn de uitspraken van Johan Vandelanotte (zelf verbonden als prof. aan de UGent), in een verkeerd keelgat geschoten. Door het rapport van de commissie als oplichterij af te doen, stelt hij de hele wetenschap in een slecht daglicht.

© 2006 Vlaamse Uitgeversmaatschappij NV
Vrijdag 1 december 2006

De wetenschap verdient ons vertrouwen

IN de discussie rond het voorlopige rapport van de commissie Energie 2030 is de voorbije weken nog maar eens de indruk gewekt dat niets is wat het lijkt. Wat tot stand is gekomen als het resultaat van streng wetenschappelijk onderzoek, wordt omschreven als een bevooroordeelde opinie' die ingegeven zou zijn door particulier belang. Het is zeker verstandig om kritisch te zijn, maar het is destructief de waarde van wetenschappelijk onderzoek te ondermijnen met argumenten die de man spelen. Academisch onderzoek wil immers wetenschappelijke bevindingen vrijwaren van vooringenomenheid, belangenverdediging, externe druk of irrationele emoties. In de discussie die nu gaande is over kernenergie wordt gesuggereerd dat dat een illusie is. Een nefaste suggestie.
Het is een wezenskenmerk van wetenschappelijk onderzoek dat het zich onderwerpt aan strenge procedures die de objectiviteit van de besluiten veilig stellen. En het is kenmerkend voor wetenschappelijk onderzoek dat het zich voortdurend onderwerpt aan het kritische oordeel van wetenschappers die in het vakgebied in kwestie bevoegd zijn. De voortgang van wetenschappelijk onderzoek berust op een voortdurend proces van bevestiging en weerlegging. Daarom laten we het beter aan vakgenoten over om de wetenschappelijke waarde van rapporten te beoordelen.
Het getuigt van weinig realiteitszin te veronderstellen dat wetenschappelijke procedures op zich subjectiviteit volledig uitsluiten. De overheid en de bedrijven die specifieke onderzoeksvragen voorleggen, kunnen belang hebben bij de uitkomst van dat onderzoek. Wetenschappers hebben al lang hun ivoren toren' verlaten. Het is duidelijk dat bij de maatschappelijke valorisatie van onderzoeksresultaten rechtstreekse of onrechtstreekse belangenvermenging kan ontstaan. We moeten dus wel degelijk alles in het werk stellen om het objectieve karakter van dat wetenschappelijk onderzoek tegenover de opdrachtgever te behouden.
Om de integriteit van het onderzoek te garanderen is wetenschappelijke openheid cruciaal. Die vereiste geldt onverkort voor onderzoek dat op bestelling' gebeurt. Alle vakgenoten moeten aan het proces van kennisontwikkeling kunnen deelnemen. Om iedere vooringenomenheid te neutraliseren die door bedrijfs- of overheidsfinanciering zou kunnen ontstaan, is het evenzeer gebruikelijk dat onderzoekers voldoende duidelijkheid verschaffen over de financieringsbronnen voor hun onderzoek. Tegelijk geven zij aan wat hun eventuele persoonlijke belangen zijn in het kader van het onderzoek.
Het is pas als die houding van openheid op een aantoonbare wijze ontbreekt dat de integriteit van de wetenschap en de wetenschapper in het gedrang komen. Pas dan mogen woorden als oplichterij' en stromannen' vallen.
De politieke overheid hecht terecht groot belang aan hoogstaand wetenschappelijk onderzoek. Wetenschappelijke onderbouwdheid is de beste garantie voor de waarheidsgetrouwheid van bevindingen. Onderzoeksbevindingen die ingaan tegen de politieke agenda mogen echter geen aanleiding zijn om het onderzoek zelf onderuit te halen, om intimiderende commentaren te verspreiden of aan de onderzoeker nadelige financiële gevolgen in het vooruitzicht te stellen.
Hetzelfde geldt voor de industrie. Zij financiert een belangrijk deel van het academisch wetenschappelijk onderzoek. Bedrijven schakelen de wetenschap in om hun doelstellingen bij te sturen of nieuwe richtingen in te slaan. Zelfs al zouden ze bepaalde resultaten verhopen, dan nog moeten ze beseffen dat ze alleen echt gebaat zijn met onderzoek dat aan de strenge eisen van de objectiviteit voldoet. Dat geldt nog meer waar de resultaten van het onderzoek niet gunstig zijn voor de perspectieven van het bedrijf en tot heroriëntatie nopen.
Wij pleiten ervoor het vertrouwen in de wetenschap niet op een onverantwoorde manier te ondergraven. Als dat toch verder zou gebeuren, dreigt wat ons nog aan maatschappelijke dialoog over cruciale kwesties rest bij voorbaat het stempel van onbetrouwbaarheid te krijgen. Het is van groot publiek belang dat te verhinderen.

Marc Vervenne en Karen Maex(De auteurs zijn respectievelijk rector en vicerector exacte wetenschappen van de KU Leuven.)

woensdag 29 november 2006

Van Cauteren Leerstoel

Woensdag 29 november vond de jaarlijkse Van Cauteren leerstoel plaats, ditmaal rond het thema "China: wat zit erin voor Vlaamse ingenieurs ?".

Richard Van Cauteren was een legendarische professor in de ingenieursfaculteit. Om voormalig recotr Oosterlinck te citeren:
Van Cauteren, die intussen overleden is, was voor veel latere ingenieurs een soort vaderfiguur. Zijn sterkte was zijn gezond verstand. Wat hem onderscheidde van anderen was zijn wijsheid, eerder dan zijn kennis. Hij koppelde de fysica aan het echte leven. Dat is belangrijk voor ingenieurs, die toepassingen moeten maken. De rode draad doorheen zijn cursus waren zijn levenslessen. Zo leerden we problemen oplossen. Hij ging ervan uit dat als je een probleem honderd procent wil oplossen, er oneindig veel geld en tijd nodig is. Aangezien dat niet voorhanden is, kun je nooit een honderd procent oplossing bereiken. In deze onvolmaakte wereld moet je daar rekening mee houden.”

Als kind heb ik ongetwijfeld Van Cauteren een paar keer ontmoet, alhoewel ik het me niet meer herinner. De enige echte herinnering was toen ik ongeveer ene halfuurtje met hem gepraat heb tijdens een koffiepauze op het departement Werktuigkunde, waar ik in de zomer van 1986 een zomerstage vervulde. Hij was toen reeds lang met pensioen, maar het gesprek was toch zeer inspirerend.

Terug naar 2006. De lezingen waren vrij interessant, en zijn op bovenvermelde site te bekijken. Wat me wel tegen de borst stootte waren de obligate grapjes die sommige sprekers maakten over het eten met stokjes: "Op het einde van ons bezoek hadden we een master in de chopstickkunde". Dat is vrij beschamend t.a.v. de aanwezige Chinese deelnemers, en het straalt negatief af op de spreker. Alsof eten met stokjes nog steeds een exotisch iets is ...

dinsdag 28 november 2006

Boekenverkoop Bibliotheek

Elk jaar houdt de centrale bibliotheek uitverkoop van oude boeken en/of dubbels. Als bibliofiel is het altijd een buitenkans om eens te snuisteren of er koopjes te doen zijn, maar meestal valt dat wat tegen.

Toch 2 oude graphics-handleidingen uit de jaren 60 kunnen oppikken, en tevens spotte ik een exemplaar van "Van tamtam tot virtuele realiteit" (foto), een boekje dat werd uitgegeven in 1995 naar aanleiding van een tentoonstelling aan de K.U.Leuven, en waarvoor ik toen een hoofdstukje over computer graphics geschreven heb. Blijkbaar was virtuele realiteit toen nog een buzz-term met enige betekenis ;-)

maandag 27 november 2006

2 voordrachten

Twee voordrachten gevolgd vandaag:

De eerste om 19.00 uur in de grote aula, in het kader van de Microsoft Research Chair on Intelligent Environments. Spreker was Donald A. Norman van Northwestern University en de Nielsen Norman Group, met een seminarie over Cautious Cars & Cantankerous Kitchens. Zijn pleidooi ging voornamelijk over hoe allerlei apparaten intelligenter gemaakt kunnen worden door op een gepaste manier met mensen te communiceren. Dit werd geillustreerd met allerhande voorbeelden zoals autorijden in de file, intelligente keukens e.d. De hele voordracht deed me een beetje denken aan eentje die ik een aantal jaren geleden gehoord heb van Neil Gershenfeld toen ik nog aan Cornell University aan onderzoek deed. Beiden hebben trouwens ook gelijkaardige boeken over het topic geschreven. In elk geval interessante stof om over na te denken.

Rond 20.15 dan snel naar het Stuk cafe gegaan om daar het eerste Leuvense Science Cafe mee te maken. Verschillende collega's uit de faculteit wetenschappen gaven hun visie op wat toeval betekent in de wetenschap. Jammer genoeg kon ik niet blijven voor het debat en de vragen nadien, maar toch net lang genoeg om mezelf te zien verschijnen in het filmpje dat de organisatoren gemaakt hadden op basis van interviews in de Moete (zie redelijk onscherpe GSM foto ;-) ).

zondag 26 november 2006

Gaming Cultuur

Afgelopen donderdag was er de laatste les in de cursus Computergame Cultuur die ik dit semester gevolgd heb aan het STUK. De lessen werden gegeven door Jan Van Looy, die een doctoraat geschreven heeft over dit topic (The Promise of Perfection: A Cultural Perspective on the Shaping of Computer Simulation and Games, KULeuven, Februari 2006). Mijn oorspronkelijke bedoeling was een Stuk-cursus te volgen over iets wat buiten mijn onmiddelijk vakdomein lag, maar bloed kruipt waar het niet gaan kan, dus werd het iets over games.

De focus lag echter niet op die aspecten die ik zelf goed ken, namelijk de technologische aspecten zoals computer graphics en AI, maar wel op een benadering vanuit de sociale en communicatieve context. Ook de bredere plaatsing binnen cultuurgeschiedenis en parallellen met vroegere expressievormen kwam een beetje aan bod. Best interessant. De docent vertelde ons ook dat het STUK als kunstencentrum altijd graag vernieuwend en trendy wil zijn, en dat daarom deze cursus werd ingericht. Altijd leuk om te weten dat je bij de trendsettende crowd behoort :-)

Het Verkabelde Lichaam

Dit weekend op uitnodiging langsgeweest bij de tentoonstelling Het Verkabelde Lichaam in De Warande in Turnhout. Het is een expositie van werk van Eric Joris, die deel uitmaakt van Crew, een samengaan van kunstenaars en wetenschappers die performances brengen waarin interactieve kunst en technologie samenkomen. Het is een domein dat me steeds geintrigeerd heeft, om via technologie de grenzen van het menselijk lichaam en perceptie steeds verder te brengen. De performance U-Raging Standstill (die in februari ook in de Universiteitshallen in Leuven te zien was op het Artefact festival) brengt bvb. een immersant via een head-mounted display in een virtuele wereld, die zeer dicht aansluit bij de echte wereld waarin hij zich bevindt. Aldus denkt de immersant nog steeds zich in de echte wereld te bevinden, terwijl in werkelijkheid hij enkel virtuele waarnemingen voorgeschoteld krijgt.

Een klein (stukje) van de tentoonstelling liet ook enkele boeken en magazines zien die als inpiratiebron dienen. Groot was mijn verbazing toen mijn eigen boek Advanced Global Illumination onder zijn eigen glazen kubus lag (zie foto). Nu ja, het feit dat Philippe Bekaert meewerkt met Crew zal daar wel niet vreemd aan zijn ;-)